Wilde planten in Nederland en België

Gewone vlier - Sambucus nigra

Frysk: Flear

English: Common elder

Français: Sureau noir

Deutsch: Schwarzer Holunder

Synoniemen:

Familie: Adoxaceae (Muskuskruidfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De naam vlier komt van het onrustig heen en weer fladderen van de bladeren in de wind. Sambucus komt van sambux (een rode verfstof), naar het rode sap van de vruchten. Nigra betekent wart, naar de zwarte vruchten.

Cultuurvorm: Peterselievlier (Sambucus nigra 'Laciniata') is een cultuurvorm met geveerde en veerdelige deelblaadjes, die zich ook in het wild heeft gevestigd.


Onderwijsgek -
CC BY-SA 3.0


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik

Winterknoppen: Fanerofyt.

Hoofdbloei: Juni en juli.

Afmeting: 3-10 meter.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


  Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een ondiep wortelstelsel.

Stam: Een diep gegroefde, dofgrijze, kurkachtige schors.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Takken: De gebogen takken zijn vrij gemakkelijk te breken. Ze zijn gevuld met een witachtig merg.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De tegenoverstaande, dofgroene bladeren zijn geveerd met drie tot zeven langwerpig-eironde, 5-10 cm lange, fijn getande blaadjes. Als je de bladeren wrijft ruik je een sterke geur.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen vormen samen vlakke schermvormige pluimen van 10-24 cm, aan het eind van lange takken. Ze zijn wit, geurend, stervormig en hebben vijf kroonbladen, vijf kelkbladen, eveneens vijf meeldraden en twee stijlen. De helmknoppen zijn geel. Het vruchtbeginsel is onderstandig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een steenvrucht. De bessen zijn eerst rood, maar worden later zwart. Het sap is paarsrood en zuur van smaak. Elke bes bevat twee tot drie vrij platte zaden. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Isidre blanc -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op droge tot vochtige, matig voedselrijke tot zeer voedselijke, met name stikstofrijke, vaak kalkhoudende en omgewerkte grond (allerlei grondsoorten).

Groeiplaatsen: Heggen, struwelen (o.a. jeneverbesstruweel), kapvlakten, bossen (lichte loofbossen, wilgenbossen, populierplantages), aanspoelselgordels langs de kust, drooggevallen platen, zeeduinen, oude muren, ruïnes, stortplaatsen, braakliggende grond en waterkanten (o.a. rivieroevers).

Verspreiding

Wereld: Gewone vlier: In Europa, vanaf het Middellandse-Zeegebied noordelijk tot in Zuid-Scandinavië en de Oekraïne, oostelijk tot in de Kaukasus. Ook in Noord-Afrika. Ingeburgerd in Noord-, Midden en Zuid-Amerika, Nieuw-Zeeland en het zuiden van Australië.
Peterselievlier: West-Europa.

Gewone vlier

Peterselievlier

Nederland: Gewone vlier: Algemeen.
Peterselievlier: Vrij algemeen.

Gewone vlier

Peterselievlier

Vlaanderen: Gewone vlier: Algemeen.
Peterselievlier: Algemeen.
Wallonië:
Gewone vlier: Algemeen.
Peterselievlier: Vrij algemeen.

Gewone vlier

Peterselievlier

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 5, Johann Carl Krauss (1800)


Cruijdeboek, deel 6, Rembert Dodoens. Van der boomen, haghen, ende alle houtachtighe gewassen, en van huerder vruchten, gummen ende sapen ondersceet, fatsoen, naem, natuere, cracht ende werkinghe (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Unsere Waldbäume, Sträucher und Zwergholzgewächse, L. Klein (1910)


Icones plantarum medico-oeconomico-technologicarum, deel 2, F.B. Vietz (1804)


Atlas der officinellen Pflanzen, deel 1, O.C. Berg, C.F. Schmidt (1891-1893)


Botanische Wandtafeln, A. Peter (1901)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Herbarium Blackwellianum, deel 2, E. Blackwell (1754)


A curious herbal, deel 1, E. Blackwell (1737)


Flora Parisiensis, deel 2, P. Bulliard (1776-1781)


La flore et la pomone francaises, deel 6, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1833)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Icones plantarum sponte nascentium in episcopatu Monasteriensi, deel 1, F. Wernekinck (1798)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Kräuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Medizinal Pflanzen, deel 1, F.E. Köhler, W. Müller (1887)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


Die officinellen Pflanzen der Pharmacopoea Germanica, F.G. Kohl (1891-1895)


Plantarum indigenarum et exoticarum Icones ad vivum coloratae, deel 1 (1788)


New Kreüterbuch, P.A. Mattioli (1563)


Svensk botanik, deel 1, J.W. Palmstruch e.a. (1803)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


Flora homoeopathica, deel 2, E. Hamilton (1853)


Medical Botany, deel 4, W. Woodville, W.J. Hooker, G. Spratt (1832)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Traité des arbres et arbustes, Nouvelle édition, deel 1, H.L. Duhamel du Monceau, P.J. Redouté (1800-1803)


Flore médicale, deel 6, F.P. Chaumeton (1832)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL