Wilde planten in Nederland en België

Gewoon barbarakruid - Barbarea vulgaris

Frysk: Berberkrûd

English: Common winter-cress

Français: Barbarée commune

Deutsch: Echtes-Barbarakraut

Synoniemen:

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De Nederlandse naam dateert uit de vroege Middeleeuwen, toen planten die in de oudheid niet waren beschreven naar heiligen werden genoemd. Deze plant werd naar Sint Barbara genoemd, een van de veertien heiligen die in nood konden worden aangeroepen. Er zijn ook veel katholieke begraafplaatsen naar haar genoemd. Barbarea is eveneens genoemd naar de heilige Barbara, die in 300 n. Chr. in Nikodema in Klein-Azië leefde. Vulgaris betekent gewoon.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of soms overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: April, mei, juni, juli, augustus.

Afmeting: 20-90 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Wortels


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De stengels staan rechtop.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Krzysztof Ziarnek -
GFDL

Bladeren: Er wordt eerst een (overwinterende) wortelrozet gevormd. De gesteelde, diep ingesneden wortelbladen hebben aan beide kanten twee tot vijf eivormig-langwerpige deelblaadjes en een groot rondachtig topblaadje met enigszins hartvormige voet. De verspreidstaande onderste stengelbladen lijken sterk op de rozetbladeren, maar met twee oortjes aan de stengel (dit laatste geldt ook voor de bovenste stengelbladen). De verspreidstaande bovenste stengelbladen zijn zittend, bochtig ingesneden en met geen of één paar zijslippen. Ze kunnen kaal of gewimperd zijn.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De gele bloemen zijn ongeveer 1 cm. We zien de trossen bloemen boven in de stengels. De ongeveer 4-6 mm grote kelkbladen zijn kaal. De vier kroonbladen zijn dubbel zo lang als de vier kelkbladen. De bloemknoppen zijn bovenaan kaal. Er is één stijl met stempel en er zijn zes meeldraden en een bovenstandig vruchtbeginsel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De ietwat vierkantige hauwen staan schuin omhoog en vormen samen een losse tros. Ze zijn 1½-3 cm lang, 1,5-2 mm breed en hebben een lange spitse snavel (ongeveer 2,5 mm). De hauwen groeien aan dunne, schuinafstaande, 4-6 mm lange stelen. De zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Steve Hurst -
USDA-NRCS PLANTS Database

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, grazige grond (zand, leem, zavel, klei en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Bermen, waterkanten (o.a. droogvallen grindbanken langs de Maas), rivierdijken, kanaaldijken, heggen, ruderale plaatsen, ruigten, zeeduinen, grasland en langs spoorwegen.

Verspreiding

Wereld: Vrijwel heel Europa en West-Azië. Ingeburgerd in Noord-Amerika.

Nederland: Vrij algemeen in het rivierengebied. Elders vrij zeldzaam, maar zeldzaam in het noorden en zeer zeldzaam op de Waddeneilanden.

Vlaanderen: Algemeen. Het meest langs de Maas en in de Leemstreek.
Wallonië:
Vrij algemeen.

Wetenswaardigheden

De plant overwintert met groen blijvende bladrozetten. Als in de winter verse Witte waterkers schaars was, vormde Barbarakruid een soort noodreserve als bron van vitamine C (tegen scheurbuik).

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 4, Johann Carl Krauss (1800)


Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Flora regni borussici, deel 6, A.G. Dietrich (1838)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Deutschlands flora, deel 11, J. Sturm, J.W. Sturm (1821-1825)

 
Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Svensk botanik, deel 3, J.W. Palmstruch e.a. (1807)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)


British entomology, deel 7, J. Curtis (1823-1840)


Flora Parisiensis, deel 4, P. Bulliard (1776-1781)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL