Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Glanzig fonteinkruid - Potamogeton lucens

Frysk: GlÍd bearzerŻch

English: Shining Pondweed

FranÁais: Potamot luisant

Deutsch: Spiegelndes Laichkraut

Synoniemen: Glanzend fonteinkruid

Familie: Potamogetonaceae (Fonteinkruidfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Potamogeton is afgeleid van het Griekse potamos (rivier) en geiton (buurman), m.a.w. een rivierbewoner. Lucens betekent lichtend of in het oog lopend. Angustifolius betekent met smalle bladen.

Kruisingen: Er zijn een aantal bastaarden bekend van Glanzig fonteinkruid met andere fonteinkruiden.
1. Vlottend fonteinkruid (Potamogeton x fluitans) is de kruising van Glanzig fonteinkruid en Drijvend fonteinkruid.
2. Gegolfd fonteinkruid (Potamogeton x angustifolius) is de bastaard van Glanzig fonteinkruid (Potamogeton lucens) en Ongelijkbladig fonteinkruid.
3. Wilgfonteinkruid (Potamogeton x decipiens of Potamogeton salicifolius) is de bastaard van Glanzig fonteinkruid en Doorgroeid fonteinkruid.

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Hoofdbloei: Juni, juli, augustus, september.

Afmeting: 60-200 cm.


konstantinseliverstov -
CC BY-NC 4.0


Sokolov Yriy Ivanovich -
CC BY-NC 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Svetlana Nesterova -
CC BY-NC 4.0

Wortels: Een dikke wortelstok. De wortelstok is in het najaar verdikt en draagt winterknoppen.


herbariaunited.org


www.europeana.eu


www.europeana.eu


www.europeana.eu

Stengels: Een onbehaarde plant. Meestal zijn de ronde, 3-4 mm dikke stengels sterk vertakt, het bovenste deel is meestal horizontaal. Vaak vormen ze vlak onder water grote matten. Glanzig fonteinkruid is een vormenrijke soort.


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0


T.Voekler -
CC BY-SA 3.0


Karelj -
CC0


ivan_zacharov -
CC BY-NC 4.0

Bladeren: Alle bladen zijn ondergedoken. Ze zijn 10 tot soms 30 cm lang en 1-5 cm breed. Ze zijn doorschijnend, langwerpig, aan de voetwigvormig met een korte steel, aan de rand dicht gekroesd of gegolfd en zeer fijn getand. Bovenaan zijn ze toegespitst (stekelpuntig), afgerond of met een inkeping. Ze hebben negen tot vijftien nerven. De onderste bladen staan vaak ver uit elkaar, de bovenste staan dichter bijeen en zijn niet langer gesteeld dan de onderste, zij zijn glanzend en in een gevleugelde steel versmald. De grote steunblaadjes zijn kruidachtig, maar smaller dan de gewone bladen.


Kira Marchenkova -
CC BY-NC 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Jurga Motiejunaite -
CC BY-SA 4.0


Karelj -
CC0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijzestengels worden tot 30 cm lang en tot 7 mm dik. Ze zijn naar de top knotsvormig verdikt. Bovenaan zijn ze bijna net zo breed als de aar. De aren worden tot 6 cm lang. De bloemen zijn groenig.


sariai -
CC BY-NC 4.0


sariai -
CC BY-NC 4.0


Walter Wimmer -
CC BY-NC 4.0


Botaurus - Public Domain

Vruchten: Een steenvrucht. De vruchtjes zijn bijna cirkelrond en 2Ĺ-4 mm groot. Ze zijn aan de buikzijde aan de voet iets ingetrokken, met een kort spitsje, aan de rugzijde zijn ze stomp gekield. Tweezaadlobbig.


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Theo van Loo -
CC BY-NC-ND 4.0


Degtyarev Nikolai Ivanovich -
CC BY-NC 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in niet te ondiep, helder, matig voedselrijk, stilstaand of traag stromend, meestal kalkrijk, zoet water met een bodem van klei, zand of veen, zelden op leem.

Groeiplaatsen: Water (laagveenplassen, afgesneden rivierarmen, vijvers, kleiputten in het winterbed van rivieren, turfputten, wielen en weinig of niet bevaren kanalen).

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in Europa en AziŽ. In Noord-Amerika komt een nauw verwante soort voor (Potamogeton illinoensis, Illinois pondweed).

Nederland: Algemeen.

Vlaanderen: Zeldzaam. Sterk afgenomen.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Botanische Wandtafeln, A. Peter (1901)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Das Pflanzenreich,
Potamogetonaceae, deel 11, H.G.A. Engler (1907)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Parisiensis, deel 7, P. Bulliard (1776-1781)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL