Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Graslathyrus - Lathyrus nissolia

Andere namen

Frysk: Bermskuontsjes

English: Grass vetchling

Français: Gesse de Nissole

Deutsch: Gras-Platterbse

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Fabales

Familie: Vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)

Geslacht: Lathyrus

Soort: Lathyrus nissolia

Naamgeving (Etymologie): Lathyrus komt van het Griekse Lathyros: een erwtensoort die vroeger door arme mensen werd gegeten. Lathyrus is een samenstelling van la (zeer) en thuros (afvoerend, prikkelend, heftig en onstuimig), omdat twee Zuid-Europese lathyrussoorten als geslachtsdrift opwekkend bekend stonden. Nissolia is genoemd naar de Franse botanicus Guillaume Nissole (1647-1735).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 10-90 cm.


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR

Wortels


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn niet of alleen onderaan vertakt. Ze zijn niet gevleugeld, niet of weinig behaard en zonder ranken.


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Franz Xaver - CC BY-SA 3.0

Bladeren: De lijnvormige, enkelvoudige bladen (dus geen deelblaadjes) zijn niet gesteeld (zittend), grasachtig en lopen spits toe. Ze worden 4-15 cm lang. Soms hebben ze zeer kleine, 1-2 mm lange, half-spiesvormige steunblaadjes.


kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Bernd Haynold - CC BY 2.5

Bloemen: Tweeslachtig. De alleenstaande of met twee bij elkaar staande bloemen groeien aan lange, dunne stelen in de bladoksels. Ze zijn rood of zelden wit en worden 0,8-1,8 cm. Vaak gaan ze maar half open. De vlag is langer dan de andere kroonbladen en van binnen helder paarsrood, de rest is bleker van kleur.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl

© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een doosvrucht. De lichtbruine, rechte peulen zijn 3-6 cm lang en 3-4 mm breed. Eerst zijn ze behaard, maar later worden ze kaal. Tweezaadlobbig.


kuleuven-kulak.be


kuleuven-kulak.be


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme, min of meer open plaatsen op iets vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot vaak kalkrijk, grazige grond (zavel, leem en löss).

Groeiplaatsen: Bermen, grasland, braakliggende grond, iets ruderale plaatsen, akkers (graanakkers), bosranden, struwelen (kalkrijke zomen) en dijken.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Azië, Noord-Afrika en Zuid-, Midden- en West-Europa, tot in Engeland en Nederland.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in Zeeland, maar plaatselijk vrij algemeen op Zuid-beveland. Zeer zeldzaam in Limburg.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Rode lijst. Zeer zeldzaam. Beschermd.

Wallonië: Vrij zeldzaam in Lotharingen (de zuidelijke Ardennen). Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst. Ernstig bedreigd. Beschermd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 12, Jan Kops, P. M. E. Gevers Deijnoot en F. A. Hartsen (1865)


Flora Batava, deel 12, Jan Kops, P. M. E. Gevers Deijnoot en F. A. Hartsen (1865)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra