Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Groot nagelkruid - Geum macrophyllum

Frysk: Grut nagelkrŻd

English: Large-leaved Avens

FranÁais: BenoÓte ŗ grandes feuilles

Deutsch:

Synoniemen: Amerikaans nagelkruid

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): De geslachtsnaam Geum komt van het Griekse geuein (proeven). Macrophyllum betekent grootbladig.

Opmerking: Groot nagelkruid lijkt sterk op Geel nagelkruid. Het is hiervan te onderscheiden door de kelkbaladen die al tijdens de bloei zijn teruggeslagen. Op de stijl groeien klieren. Het aantal vruchtjes in het vruchthoofdje is groter.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli.

Afmeting: 40-100 cm.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Walter Siegmund -
CC BY-SA 3.0


brewbooks-
CC BY-SA 2.0

Wortels


botanydb.colorado.edu -
CC BY-SA 3.0


botanydb.colorado.edu -
CC BY-SA 3.0


botanydb.colorado.edu -
CC BY-SA 3.0


botanydb.colorado.edu -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De bloeistengels staan min of meer rechtop.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Walter Siegmund -
CC BY 2.5


Walter Siegmund -
CC BY-SA 3.0


© Marc de Bont -
CC BY-NC-ND 3.0

Bladeren: De samengestelde (met deelbladen), meestal diep gelobde bladeren zijn getand. De middelste blaadjes van de stengelbladen zijn breed eirond en afgerond. De kleine steunblaadjes zijn 0,5-1,5 cm lang.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Walter Siegmund -
CC BY 2.5


Walter Siegmund -
CC BY 2.5


Walter Siegmund -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen staan rechtop. De groene kelkbladen zijn al tijdens de bloei teruggeslagen. Op de roodachtige stijlen groeien klieren. Het onderste deel van de stijl is kaal of begroeid met kleine klieren. Het is ongeveer drie tot vier keer zo lang als het aan de voet behaarde bovenste deel. De afstaande, 3-7 mm lange, gele kroonbladen zijn omgekeerd eirond, niet genageld en ongeveer even lang als de kelk. De bloembodem met weinig, korte haren. De effen gele bloemen hebben een grote zwarte vlek aan de basis. Onder normale omstandigheden zie je dit niet, alleen met ultraviolet licht is het te zien. Insecten kunnen het wel zien.


Leslie Seaton -
CC BY 2.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Jacob W. Frank - Public Domain


Walter Siegmund -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Het aantal vruchtjes in het vruchthoofdje is groter dan bij Geel nagelkruid (vruchthoofdjes met 120-200 vruchtjes). De vruchtjes zijn kort borstelig. Tweezaadlobbig.


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde tot beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke grond.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen en langs bospaden), struwelen, bosranden, heggen, houtwallen en in parken.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Noord-Amerika (van Alaska tot in CaliforniŽ en Nieuw Mexico), maar ook in Oost-AziŽ. Plaatselijk ingeburgerd in de noordelijke helft van Europa.

Nederland: Vrij algemeen ingeburgerd. Voor het eerst aangetroffen in 1992.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam ingeburgerd. Omstreeks 1995 voor het eerst aangetroffen (in het Meerdaalwoud in Oud-Heeverlee).
WalloniŽ:
Zeldzaam ingeburgerd.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL