Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Grote biesvaren - Isoetes lacustris

Andere namen

Frysk: Ruskfearke

English: Quillwort

Français: Isoète des lacs

Deutsch: See-Brachsenkraut

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Lycopsida

Orde: Isoetales

Familie: Isoetaceae (Biesvarenfamilie)

Geslacht: Isoëtes (Biesvaren)

Soort: Isoetes lacustris

Naamgeving (Etymologie): Isoetes komt van het Griekse isos (gelijk) en étos (jaar), oftewel het hele jaar door gelijk blijvend, doordat zij steeds groen blijft. Lacustris betekent aan of in meren en vijvers groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Sporenplant.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Rijpe sporen: Juli, augustus en september.

Afmeting: 6-20 cm.


Honymand -CC0


W. Carl Taylor - Public Domain


Jean-Christophe Rague -CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Christophe Rague -CC BY-SA 2.0 FR

Wortels: De bruinachtige wortels zijngaffelvormig vertakt.


Liliane Roubaudi -CC BY-SA 2.0 FR


hasbrouck.asu.edu -CC BY-NC 3.0


web.corral.tacc.utexas.edu -CC0-1.0


web.corral.tacc.utexas.edu -CC0-1.0

Stengels: De plant groeit onder water. De lobben van het stammetje vertonen na vervelling enkele hoogtegroeven. De planten kunnen grote aaneengesloten vegetaties vormen.


Liliane Roubaudi -CC BY-SA 2.0 FR


© Biopix: JC Schou


© Biopix: JC Schou


© Biopix: JC Schou

Bladeren: Een rozet van tien  tot veertig  bladen, die meestal recht omhoogstaan. Ze zijn vrij stijf, doorschijnend donkergroen en worden tot 20 cm lang en 2½ mm breed. Verder zijn ze stomp vierhoekig en is de top vrij plotseling toegespitst. De bladen zijn breder en stijver dan die van Kleine biesvaren. Ze hebben een verbrede voet, bleke vliezige randen, vier  luchtkanalen en ze blijven in dezelfde stand als de plant uit het water wordt gehaald.


Liliane Roubaudi -CC BY-SA 2.0 FR


© Biopix: JC Schou


© Biopix: JC Schou


© Biopix: JC Schou

Vruchten: Sporen met langwerpige knobbeltjes. Ze  zijn iets groter en grijsachtiger dan die van Kleine biesvaren.


© Biopix: JC Schou


© Biopix: JC Schou

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in helder, voedselarm, neutraal tot zwak zuur, stikstofarm, ondiep water met een open zandbodem (vaak in wat dieper water dan Kleine biesvaren).

Groeiplaatsen: Water (op de bodem van heidevennen, die zelden of nooit droogvallen). Ze kan in iets dieper water groeien dan de Kleine biesvaren.

Verspreiding

Wereld: Koelere streken in Noord- en Midden-Europa, Zuidoost-Canada en het oosten van Verenigde Staten.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in Noord-Brabant. Vroeger ook bij Drachten en bij Weert.
Rode lijst 2012. Bedreigd. Trend sinds 1950: sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Niet in Wallonië.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 22, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1906)


Flora Batava, deel 22, Jan Kops, F.W. van Eeden en L.Vuyck (1906)


Flora Batava, Jan Kops, F. W. van Eeden, L. Vuyck. Deel 23 (1911)


Flora Batava, Jan Kops, F. W. van Eeden, L. Vuyck. Deel 23 (1911)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra