Wilde planten in Nederland en België

Grote muggenorchis - Gymnadenia conopsea - Dichte muggenorchis - Gymnadenia densiflora

Frysk: Miggekrûd

English: Fragrant Orchid

Français: Orchis moucheron

Deutsch: Mücken-Händelwurz

Synoniemen:

Familie: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Gymnadenia komt van het Griekse gymnos (naakt) en aden (klier), omdat de hechtkliertjes hier niet in een beursje zijn opgesloten. Conopsea is afgeleid van het Griekse konops (mug).

Ondersoorten: Gymnadenia conopsea subsp. conpsea en Gymnadenia conopsea subsp. densiflora.
Tegenwoordig worden ze beschouwd als twee aparte soorten: Grote muggenorchis (Gymnadenia conopsea) en Dichte muggenorchis (Gymnadenia densiflora).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 25-60 cm.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Gymnadenia conopsea subsp. conopsea
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Jerzy Opiola -
GFDL


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Wortelknollen. Worteldiepte 10 tot 20 cm.


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De stengels zijn vaak paars aangelopen. Aan de voet zitten twee of drie bruinachtige scheden.


Gymnadenia conopsea subsp. conopsea
© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


Thommybe -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De vier tot acht bladen zijn lijnvormig tot langwerpig, gootvormig en vrij donker groen. Vaak staan ze in twee rijen.


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


Joachim Lutz -
CC BY-SA 4.0


Bernd Haynold -
CC BY-SA 3.0


Biodehio -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. Een 5-10 cm lange, cylindervormige, veelbloemige aar met rozerode of soms witte bloemen. De bloemdekbladen zijn 4-5 mm lang, de bovenste drie zijn tot een helm samengebogen, de andere twee staan af. De bloemlip is 3½-5 mm en met drie ongeveer even lange stompe lobben. De 1,1 -1,8 lange spoor is draadvormig, spits, iets gebogen en wordt tot dubbel zo lang als het vruchtbeginsel. De bloemen ruiken naar vanille.


© John Breugelmans - verspreidingsatlas.nl

© Wouter van der Ham - verspreidingsatlas.nl


Gymnadenia conopsea subsp. conopsea
© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


© Luc Meurs - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


bernd gliwa -
CC BY-SA 2.5


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden licht beschaduwde plaatsen op matig droge tot vrij natte, voedselarme, zwak zure tot kalkrijke, min of meer humeuze grond (zand, leem, laagveen en mergel).

Groeiplaatsen: Zeeduinen (vrij natte duinvalleien), moerassen (kalkmoerassen), grasland (matig droge kalkhellingen, matig vochtig kalkgrasland, schraal grasland en blauwgrasland), bermen, bossen (lichtriijke plaatsen in loofbossen) en struwelen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde en koudere streken in Azië en Europa.

Grote muggenorchis

Dichte muggenorchis

Nederland: Zeldzaam in Zuid-Limburg en zeer zeldzaam in de duinen, het meest nog op de Waddeneilanden. Ook in het midden van het land.

Grote muggenorchis

Dichte muggenorchis

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Waarschijnlijk nog op twee plaatsen, waaronder een rijke vindplaats bij Kampenhout. De rode blokjes geven aan waar de plant vroeger is gevonden, maar daar nu is verdwenen.

Wallonië: Vrij zeldzaam in het Maasgebied en in de zuidelijke Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 7, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1836)


Deutschlands flora, deel 20, J. Sturm, J.W. Sturm (1845-1849)


Flora regni borussici, deel 1, A.G. Dietrich (1832-1833)


Die Orchidaceen Deutschlands, Deutsch-Oesterreichs und der Schweiz, M. Schulze (1894)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


Palmata non maculata - Palmata angustifolia non maculata
Introductio generalis in rem herbariam, deel 5, A.Q. Rivinus (1690-1777)


Cynosorchis macrocaulos sive conopsaea sive galeniculata
Orchis serapias caryophyllata
Serapias minor rubello nitente flore angustifolia nullis inspersis punctulis
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Sudetenflora, M. Winkler (1900)


Die Alpenpflanzen nach der Natur gemalt, deel 1, J. Seboth, F. Graf (1839)


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 2 Cyperaceae, deel 3, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


British entomology, deel 5, J. Curtis (1823-1840)


Flore illustré de Nice et des Alpes-maritimes. Iconographie des Orchidées, J.B. Barla (1868)


© 2001-2020 K.M. Dijkstra