Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Grote muur - Stellaria holostea

Andere namen

Frysk: Grutte mier

English: Greater Stitchwort

Français: Stellaire holostée

Deutsch: Echte Sternmiere

Verouderde of andere namen: Grootbloemige muur, Grootbloemmuur

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Caryophyllaceae (Anjerfamilie)

Geslacht: Stellaria (Sterrenmuur)

Soort: Stellaria holostea

Naamgeving (Etymologie): Stellaria komt van het latijnse stella (ster), hetgeen slaat op de vijf tweedelige kroonbladen, die als een sterretje uitstaan. Holostea betekent een geheel benige (zeer harde plant), maar volgens Plinius in omgekeerde zin bedoeld.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Chamaefyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: 15-50 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Ondiep wortelend. Worteldiepte tot 10 cm.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


web.corral.tacc.utexas.edu - CC0-1.0

Stengels: De ruwe, slappe stengels zijn vierkantig. De plant vormt grote plakkaten.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De tegenoverstaande,  zittende, donkergroene, tot 8 cm lange bladen zijn stijf, smal langwerpig en spits. De rand en de middennerf zijn ruw behaard. De schutbladen zijn ook aan de rand groen.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. IJle bloeiwijzen met witte, 1½-3 cm grote bloemen. De vijf  kroonbladen zijn tot de helft gespleten en twee keer zo lang als de vijf, 6-8 mm lange kelkbladen. Het vruchtbeginsel  is bovenstandig met drie stijlen  en drie stempels.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


Carole Ritchie - USDA-NRCS PLANTS Database


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Vrij zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op droge tot vochtige, matig voedselarme tot voedselrijke, matig stikstofrijke, humushoudende, zwak zure tot neutrale, soms kalkhoudende grond (vaak op lemig zand).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen), heggen, bosranden, struwelen, hakhout, houtwallen, licht beschaduwde bermen, langs spoorwegen (spoorbermen), waterkanten (langs sloten en greppels), zeeduinen en op hellingen.

Verspreiding

Wereld: Het meest in Europa, behalve in grote delen van het Middellandse-Zeegebied en Scandinavië. Ook in West-Azië en Noordwest-Afrika (Atlasgebergte). Plaatselijk ingeburgerd in het oosten van Noord-Amerika en in Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen in Zuid-Limburg, in het oosten en midden van het land en in het aangrenzende rivierengebied. Vrij zeldzaam in de Hollandse duinen. Elders zeer zeldzaam. Niet in het noordelijk zeekleigebied en in Zeeland.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen, maar zeldzaam tot zeer zeldzaam in het kustgebied en op de armste gronden in de Kempen. Het meest in de Leemstreek, de Zand- en Zandleemstreek en de Voerstreek.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Algemeen, maar zeldzaam in oostelijk Brabant.

Toepassingen

Geperst sap werd vroeger tegen oogaandoeningen gebruikt en volgens de tekenleer hielp de plant bij het genezen van steken in de zij en botbreuken. Grote muur werd ook beschouwd als een metgezel van de duivel. De oude naam Slangenbloem duidt op het geloof dat wie de bloem plukte door een adder zou worden gebeten. Een andere volksnaam was Sterretje, de bloem werd in verband gebracht met de Ster van Bethlehem en Paaszondag.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra