Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Grote veldbies - Luzula sylvatica

Andere namen

Frysk: Boskbreake

English: Great wood-rush

Français: Luzule des bois

Deutsch: Wald-Hainsimse

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Juncaceae (Russenfamilie)

Geslacht: Luzula (Veldbies)

Soort: Luzula sylvatica

Naamgeving (Etymologie): Luzula ia afkomstig van het Italiaanse luciola (glimworm), een naam die door de Italianen ook gebruikt voor biezen, omdat uit het merg van deze planten kaarsenpitten (lucigno of lucignolo) gemaakt werden. Sylvatica betekent in het bos groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: 30-100 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: De wortelstok  staat schuin omhoog. De plant heeft korte, dikke uitlopers.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: Vrij dichte pollen vormend.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Wildfeuer - CC BY-SA 3.0


Jerzy Opiola - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De glanzend diepgroene bladeren zijn aan de rand lang gewimperd. De wortelbladen zijn 0,5-2 cm breed, veel langer en breder dan de stengelbladen. Aan de voet van de bloeiwijze groeien één of twee korte schutbladen.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Grada Menting - verspreidingsatlas.nl


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


Daderot - Public Domain

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen staan met twee tot vijf bijeen in kluwens. De kluwens vormen samen een losse, wijd vertakte, sterk samengestelde en vaak tuilvormige bloeiwijze. De bloemdekbladen zijn bruin, al of niet met een groene middenstreep. Ze hebben een witvliezige rand. De binnenste drie zijn langer dan de buitenste drie.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Jerzy Opiola - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht, die is toegespitst in een fijne, vrij lange snavel. De zaden hebben aan de top een zeer klein aanhangsel. Zonder aanhangsel zijn ze 1-1½ mm lang. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Danny S. - CC BY-SA 4.0


Danny S. - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Beschaduwde plaatsen op vrij droge tot vrij natte, matig voedselarme tot meestal matig voedselrijke, kalkarme, zwak tot matig zure grond (leem, soms op zand, veen of stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, landgoedbossen en hellingbossen, met name op noordhellingen) en brongebieden.

Verspreiding

Wereld: West-, Midden- en Zuid-Europa. Noordelijk tot de kusten in Zuid- en Midden-Noorwegen, zuidwestelijk tot in Midden-Spanje en oostelijk tot in het westen van de Kaukasus. Ook in Groot-Brittannië.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in Zuid-Limburg, zeldzaam in Midden-Limburg en in de buurt van Nijmegen en zeer zeldzaam Midden-Nederland, Drenthe en in de Hollandse duinen.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest in de Leemstreek.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.

Wallonië: Vrij algemeen in Brabant, het Maasgebied en de Ardennen. Het meest ten zuiden van de lijn Samber en Maas. Elders zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra