Grote lisdodde - Typha latifolia

Frysk: Grutte tuorrebout

English: Bulrush

Français: Massette a larges feuilles

Deutsch: Breitblättriger Rohrkolben

Synoniemen:

Familie: Typhaceae (Lisdoddefamilie)

Naamgeving (Etymologie): Typha komt van het Griekse tiphos (moeras), dus een moerasplant of van het Griekse typhoo (roken), vanwege het vroegere gebruik van de bloeikolven om smeulend vuur aan te houden. Latifolia betekent met brede bladen.

Kruising: Grote lisdodde kan een bastaard vormen met Kleine lisdodde (Typha x glauca).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Helofyt.

Hoofdbloei: Juni en juli.

Afmeting: 100-250 cm


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Wortels: Kruipende wortelstokken.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Stengels: Grote groepen vormend. De stengels staan rechtop. De rolronde bloeistengels zijn korter dan de bladen.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Bladeren: De zeer lange, bandvormige, vlakke bladen zijn grijsgroen tot blauwgroen. Ze zijn 1-2 cm breed. De bladschede is meestal open aan de hals.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De vrouwelijke bloeiaar is bij rijpheid donkerbruin en wordt later witgevlekt. Deze is 1½-3 cm breed. De aren zijn 10-20 cm lang. De mannelijke bloeiaar is strokleurig en ongeveer even lang als de vrouwelijke aar. De mannelijke bloeiaar staat meestal direct boven de vrouwelijke aar. De vrouwelijke bloemen staan niet in de oksels van kleine schutbladen (een verschil met Kleine lisdodde). De stempel is scheef ruit-langwerpig.


Albert Herring - cc by 2.0


Acabashi - cc by-sa 4.0


Curtis Clark - cc by-sa 2.5


Anna Anichkova - cc by-sa 3.0

Vruchten en zaden: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Het witte vruchtpluis zorgt voor de verspreiding van de zaden via de wind. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden licht beschaduwde plaatsen in en langs voedselrijk, stilstaand of langzaam stromend, matig zuur tot kalkhoudend water (vrijwel alle grondsoorten).

Groeiplaatsen: Water en waterkanten (sloten, vaarten, rivieren, poelen e.d), afgravingen (zand-, klei- en leemgroeven), natte ruigten, pas ingepolderde terreinen, opgespoten grond, heide (voedselrijk geworden heidevennen en hoogveenputten), moerassen (rietland), bossen (moerasbossen) en in 's zomers droogvallende sloten.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit gematigde streken op het noordelijk halfrond.

Nederland: Inheems. Algemeen.

Vlaanderen: Inheems. Algemeen.

Wallonië: Inheems. Vrij algemeen.

©2001-2022 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl