Wilde planten in Nederland en België

Grote ratelaar - Rhinanthus angustifolius

Frysk: Grutte rinkelbel

English: Greater Yellow Rattle

Français: Rhinanthe à grandes fleurs

Deutsch: Großer Klappertopf

Synoniemen: Rhinanthus serotinus, Rhinanthus major

Familie: Orobanchaceae (Bremraapfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Rhinanthus komt van het Griekse rhis of rhinos (neus) en anthos (bloem), hetgeen slaat op de bovenlip van de bloemkroon, die als een neus vooruitsteekt. Angustifolius betekent met smalle bladen.

Kruising: Grote ratelaar kan een kruising vormen met met Kleine ratelaar (Rhinanthus x fallax).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid, halfparasiet.

Winterknoppen: Therofyt.

Hoofdbloei: Mei t/m oktober.

Afmeting: 10-80 cm.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Christian Fischer - cc by-sa 3.0

Wortels: Een kleine penwortel.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


europeana.eu - cc by-sa 3.0

Stengels: De rechtopstaande, vierkantige stengels kunen al dan niet vertakt zijn. Op de stengels zie je korte, zwarte streepjes. Ze zijn niet of maar weinig behaard.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


böhringer friedrich - cc by-sa 2.5


HermannSchachner - cc0

Bladeren: De tegenoverstaande, lijnvormige tot langwerpig-eivormige bladen zijn 2-5 mm breed. Ze zijn getand.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


Mathieu Menand - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr

Bloemen: Tweeslachtig. De langwerpige schutbladen zijn gezaagd en veel bleker (bleekgroen) dan de stengelbladen. Ze zijn langer dan de kelken en hebben onderaan smal driehoekige tot priemvormige tanden, waarvan de onderste meer dan drie keer zo lang als breed zijn. De 1,5-2,5 cm grote bloemen zijn geel. De behaarde kroonbuis is zwak naar boven gebogen en de keel is gesloten door de rechtopstaande onderlip. De bovenlip heeft twee donker blauwpaarse, zelden bijna witte tanden van ongeveer 2 mm (deze zijn meestal langer dan breed). De stempel komt net buiten de bovenlip uit. De kelk is kaal of alleen aan de rand behaard (de vier kale kelkbladen zijn vergroeid). Het vruchtbeginsel is bovenstandig.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Hans Hillewaert - cc by-sa 3.0


Jerzy Opiola - gfdl

Vruchten en zaden: De doosvrucht springt langs een naad open. De platte zaden zijn vrij groot, met rondom een vleugelrand. Ze rammelen (ratelen) in de verdroogde kelken. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, soms vrij droge, matig voedselarme tot matig voedselrijke, weinig of niet bemeste, zwak zure grond. Ook in zwak brak milieu (vrijwel alle grondsoorten, behalve zeeklei). Grote ratelaar is een halfparasiet en parasiteert op grassen.

Groeiplaatsen: Grasland (hooiland), bermen, dijken, langs spoorwegen (spoorbermen), zeeduinen (duinvalleien en laagblijvend duingrasland), grienden, waterkanten (slootkanten) en vroeger ook in akkers.

Verspreiding

Wereld: Europa en oostelijk tot in Centraal-Azië.

Nederland: Inheems. Algemeen.

Vlaanderen: Inheems. Vrij algemeen.

Wallonië: Inheems. Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Cruijdeboek, deel 4, Rembert Dodoens. Corenen, Legumina, Distelen ende dyerghelijcke (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora regni borussici, deel 2, A.G. Dietrich (1834)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Grandes Heures Anne de Bretagne, Jean (Jehan) Bourdichon (1503-1508)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 6, J.E. Sowerby (1866)

2001-2022 K.M. Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl