Wilde planten in Nederland en België

Grote waterweegbree - Alisma plantago-aquatica

Frysk: Grut kikkertsblêd

English: Common water-plantain

Français: Plantain d'eau commun

Deutsch: Gemeiner Froschlöffel

Synoniemen:

Familie: Alismataceae (Waterweegbreefamilie)

Naamgeving (Etymologie): Alisma komt van het Keltische alis (water). Plantago-aquatica betekent in het water levende weegbree.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt of helofyt

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 30-120 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een wortelstok.


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande, afgerond-driekantige bloeistengels steken boven het water uit.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De bladrozetten zijn meestal regelmatig en min of meer stervormig, maar de jonge rozetten zijn vaak biesachtig. In ondiep water en op drooggevallen plekken staan de bladeren rechtop, zijn ze lang gesteeld, eirond tot langwerpig-eirond en spits. Ze hebben een afgeknotte tot zwak hartvormige voet en zijn versmald in de smal gevleugelde steel. In iets dieper en/of zwak stromend water zijn de bladeren klein en drijven dan op het water. In nog dieper water zijn de ondergedoken bladeren eerst bijna doorschijnend en langwerpig tot lijnvormig-langwerpig (bijna grasachtig). De bladvoet gaat geleidelijk over in de lange steel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloempluim is vaak zeer groot en meer hoog dan breed. Ook na de bloei heeft de pluim schuin omhoog gerichte takken. De 0,6-1 cm grote bloemen zijn wit met een roze rand en hebben een gele nagel. De binnenste drie witte tot roze kroonbladen zijn twee tot drie keer zo lang als de drie groene kelkbladen. De rand van de kroonbladen is gekarteld en de nagel is geel. Het vruchtbeginsel is bovenstandig, de stijl staat recht omhoog en de stempel wordt gemarkeerd door zeer fijne haartjes, die alleen met een loep te zien zijn.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De in een krans zittende nootjes zijn 2-3 mm. Ze hebben een lange snavel in of onder het midden en aan de rugkant één groef. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Ian Sutton -
CC BY 2.0


Steve Hurst - USDA-NRCS PLANTS Database


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open plaatsen in ondiep, stilstaand tot vrij sterk stromend, vrij voedselarm tot voedselrijk, zwak zuur tot kalkhoudend, zoet water. Ook op 's zomers droogvallende, maar wel nat blijvende plaatsen (de meeste grondsoorten).

Groeiplaatsen: Water (sloten, kanalen, vijvers, plassen, drinkpoelen, vennen en hoogveenputten met binnendringend voedselrijk water), waterkanten (ook langs greppels), moerassen (drijftillen), afgravingen, baggerstortterreinen, grienden en droogvallende oude stroomgeulen in beek- of rivierbegeleidende bossen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde streken op het hele noordelijk halfrond. Ingeburgerd in warmere gebieden en ook op het zuidelijk halfrond.

Nederland: Algemeen.

Vlaanderen: Algemeen.
Wallonië:
Vrij algemeen. Het meest  in de rivierdalen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 3 (1796)


Cruijdeboek, deel 1, Rembert Dodoens. Gheslacht, onderscheet, fatsoen, naemen, cracht ende werckinghe (1554)


Botanische wandplaten


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Flora regni borussici, deel 1, A.G. Dietrich (1832-1833)


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 2 Cyperaceae, deel 3, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Londinensis, deel 5, William Curtis (1784-1788)


British entomology, deel 5, J. Curtis (1823-1840)


Atlas des plantes de France, deel 3, Amédée Masclef (1893)


Les Liliacées, deel 8, P.J. Redouté (1805-1816)


Icones plantarum sponte nascentium in episcopatu Monasteriensi, deel 1, F. Wernekinck (1798)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Botanische Wandtafeln, A. Peter (1901)


Repräsentanten einheimischer Pflanzenfamilien in bunten Wandtafeln mit erläuterndem Text, C. Bollmann (1879-1882)


Icones plantarum medico-oeconomico-technologicarum, deel 3, F.B. Vietz (1806)


Illustratio systematis sexualis Linnaei, J.S. Miller (Mueller, Müller), M.B. Borckhausen, (1770-1777)


Svensk botanik, deel 7, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Parisiensis, deel 7, P. Bulliard (1776-1781)


Dictionnaire pittoresque d’histoire naturelle et des phénomènes de la nature, deel 3 (1833-1839)


Grandes Heures Anne de Bretagne, Jean (Jehan) Bourdichon (1503-1508)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL