Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Harig knopkruid - Galinsoga quadriradiata

Frysk: RŻch buormanskwea

English: Shaggy-soldier

FranÁais: Galinsoga ciliťe

Deutsch: Behaartes Franzosenkraut

Synoniemen: Galinsoga ciliata

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Galinsoga is vernoemd naar Don Mariano Martinez de Galinsoga (1766Ė1797), directeur van de botanische tuin te Madrid. Quadriradiata betekent met vier stralen of straalbloemen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 20-45 cm.


Rebelo Joana
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Michael Herscovici
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Benjamin Zwittnig -
CC BY 2.5 si


Dalgial -
CC BY-SA 3.0

Wortels


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De rechtopstaande, vertakte stengels zijn dof donkergroen. Onderaan zijn ze dicht witbehaard en bovenaan zijn ze begroeid met lange afstaande haren.


Jean-Jacques Houdrť
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De tegenoverstaande, eironde tot langwerpige bladeren zijn dof donkergroen, lang afstaand en wit behaard. De bladrand is wat sterker en dieper gezaagd dan bij Kaal knopkruid.


Hans Toetenel -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Dalgial -
CC BY-SA 3.0


T.Voekler -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Polygaam. De bloemhoofdjes vind je aan het eind van de takken. De bloemen zijn ongeveer 0,5 cm groot. De vijf lintbloemenzijn wit en hebben drie tanden. De buisbloemen zijn geel. De bloemhoofdjes zijn iets groter en de lintbloemen een beetje langer dan die van Kaal knopkruid. De langwerpige stroschubben zijn niet gedeeld en hoogstens zwak getand. Het vruchtbeginsel is onderatandig.


Mehdi Chetibi
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Wasp32 -
CC BY 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Van de vruchtpluisschubben van de buisbloemen loopt een deel uit in een naaldvormige top. Dankzij deze schubben blijven de zaden in de vacht van dieren hangen en aldus worden ze verspreid. Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pioniervegetatie) op droge tot vochtige, voedselrijke grond (zand, dalgrond en klei). Meestal op iets zwaardere grond dan Kaal knopkruid.

Groeiplaatsen: Moestuinen, akkers (hakvruchtakkers), plantsoenen, ruderale plaatsen, aan de voet van muren, tussen straatstenen en omgewerkte of pas aangelegde bermen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuid- en Midden-Amerika. Tegenwoordig ook in een groot deel van Noord-Amerika, in West- en Midden-Europa en in sommige delen van Zuid- en Oost-AziŽ en Afrika. In Europa komt de soort voor sinds het midden van de 19e eeuw.

Nederland: Vrij algemeen, maar zeldzaam op de Waddeneilanden, in Zeeland, in het noordelijk zeekleigebied en in Flevoland. Voor het eerst gevonden in 1920.

Vlaanderen: Algemeen ingeburgerd. Voor het eerst gevonden in 1921. De soort komt hier meer voor dan Kaal knopkruid.
WalloniŽ:
Vrij algemeen, maar zeldzamer in de Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Icones selectae plantarum, deel 4, B. Delessert, A.P. de Candolle (1839)


Flora of Guatemala, deel 12, P.C. Standley, J.A. Steyermark, M. Pahl (1946-1977)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL