Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Hartbladige els - Alnus cordata

Frysk:

English: Italian Alder

FranÁais: Aulne ŗ feuilles en coeur

Deutsch: Herzblšttrige Erle

Synoniemen:

Familie: Betulaceae (Berkenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Alnus stamt mogelijk van het Latijnse quod alatur amne (ik word door de stroom verzorgd), dus een liefhebber van waterrijke plaatsen. Een andere mogelijkheid is dat Alnus is afgeleid van het oud Keltische woord voor water (alis). Cordata betekent hartvormig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Hoofdbloei: April.

Afmeting: Tot 14 meter (soms 20 meter).


AnemoneProjectors -
CC BY-SA 2.0


Chris.urs-o -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Met wortelknolletjes.

Stam: De grijze stam kan 70-100 cm dik worden. Een snel groeiende boom met een regelmatig kegelvormige kroon, die dicht is in vergelijking met de andere elzensoorten.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Karim Haddad -
CC BY 4.0


Genevieve Botti - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR

Takken: De bast van de takken zijn zwartachtig tot grijs.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Luca Boscain -
CC BY-NC 4.0


Pierre Bonnet - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Yoan Martin - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR

Bladeren: Bladverliezend. De 5-8(-12) cm grote, glanzende, vrijwel gladde bladeren zijn ongeveer even breed als lang. Ze hebben een hartvormige bladvoet en zijn vrij plotseling in een punt versmald. Het blad heeft naar voren gerichte tanden aan de rand. Op de bladonderkant (deze kant is lichter van kleur dan de bovenkant) vind je in de nerfoksels plukjes lichtbruine tot oranje haren.


Franz Xaver -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De katjes verschijnen voor de bladeren. De eivormige, vrouwelijke katjes staan met ťťn tot drie bijeen, zijn gesteeld en staan rechtop. De roodachtige, mannelijke katjes hangen en zijn 5-8(-10) cm lang.


Yoan Martin - tela-botanica.org -
CC BY-SA-2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Frank Vincentz -
CC BY-SA 3.0


Joanna Boisse -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De rijpe, 2-3,5 cm grote "elzenproppen" zijn donkergroen tot bruin, hard en houtachtig. De kleine gevleugelde zaden verspreiden zich in de winter. De oude, houtachtige, zwartachtige 'kegels' blijven tot een jaar later aan de boom achter. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Karim Haddad -
CC BY 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot natte (soms ook drogere), stenige, kalkrijke grond.

Groeiplaatsen: Bossen, braakliggende terreinen, langs rivieren en op kademuren.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk alleen op Corsica en lokaal in Zuid-ItaliŽ. Ingeburgerd in o.a. Europa en Nieuw-Zeeland.

Nederland: Vrij algemeen. Vaak aangeplant in parken en stadswijken. Ingeburgerd tussen 1975 em 1999.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam ingeburgerd.
WalloniŽ
: Vrij zeldzaam ingeburgerd.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL