Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Heelkruid - Sanicula europaea

Andere namen

Frysk: Hielkrûd

English: Sanicle

Français: Sanicle d'Europe

Deutsch: Wald-Sanikel

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Apiales

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Geslacht: Sanicula (Heelkruid)

Soort: Sanicula europaea

Naamgeving (Etymologie): Sanicula komt van het Latijnse sanare (genezen), hetgeen wijst op de geneeskrachtige eigenschappen, die men vroeger aan de plant toeschreef. Europaea betekent uit Europa.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 30-45 cm.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Bernd Haynold - CC BY 2.5


Rosser1954 - Public Domain


Jean-Luc Gorremans - CC BY-SA 2.0 FR

Wortels: Worteldiepte tot 20 cm.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn kaal, hol en sterk geribd.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Krzysztof Ziarnek - CC BY-SA 4.0


AnRo0002 - CC0

Bladeren: Eén of twee bijna zittende bladeren.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Pipi69e - Public Domain

Bloemen: Polygaam. De bloemen zitten in dichtbloemige ongelijke schermen. Meestal zijn er drie hoofdjesachtige schermen met zittende en gesteelde bloemen. De 3 mm grote bloemen zijn rozeachtig of groenachtig wit. De buitenste bloemen zijn mannelijk en de binnenste vrouwelijk. De kelkbladen steken iets buiten de rozeachtige kroonbladen uit. Er zijn vier tot acht omwindseltjes.


Benjamin Zwittnig - CC BY 2.5 si


Krzysztof Ziarnek - CC BY-SA 4.0


AnRo0002 - CC0


http://www.kuleuven-kulak.be/

Vruchten: Een splitvrucht. De vruchten zijn eiron tot bolvormig, 4 tot 5 mm groot en hebben haakvormige stekels. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Beschaduwde plaatsen op vochthoudende tot matig vochtige, matig voedselarme tot matig voedselrijke, vaak vrij stikstofrijke, zwak zure tot meestal kalkrijke grond met een goed verterende strooisellaag (leem, zandige klei, schelpkalk, löss, mergel en potklei).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, kalkrijke hellingbossen en langs bospaden) en bosranden.

Verspreiding

Wereld: Europa. Noordelijk tot in Zuid-Scandinavië. Ook in Aziatische en Afrikaanse gebergten.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in Zuid-Limburg, zeldzaam in Drenthe, Twente en de Achterhoek en zeer zeldzaam in Midden-Neder land.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: matig afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam in de Leemstreek en de Voerstreek. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam of ontbrekend.
Rode lijst. Vrij zeldzaam.

Wallonië: Vrij algemeen in het Maasgebied, Brabant en Lotharingen. Elders ontbrekend of zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 2, Martinus Houttuyn (1796)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 2, Martinus Houttuyn (1796)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra