Wilde planten in Nederland en België

Heggendoornzaad - Torilis japonica

Frysk: Stikelsied

English: Upright hedge-parsley

Français: Torilis anthrisque

Deutsch: Gewöhnlicher Klettenkerbel

Synoniemen:

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Torilis is afkomstig van torulus, het verkleinwoord van torus (gezwel), naar de gezwollen stengelknopen. Japonica betekent uit Japan.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 60-120 cm.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Qwert1234 -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Een penwortel.


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De stijf rechtopstaande stengels zijn behaard, massief, geribd, niet rood gevlekt en niet verdikt op de knopen.


Qwert1234 -
CC BY-SA 3.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De donkergroene bladeren zijn één- tot drievoudig geveerd. De bladslippen zijn eirond tot langwerpig en grof getand.


Yoan Martin
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Yoan Martin
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


Yoan Martin
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. Langgesteelde bloemschermen met vijf tot twaalf stralen. De bloemen zijn wit tot paarsroze en 2-3 mm. De kroonbladen zijn iets ongelijk van grootte. Er zijn vier tot twaalf omwindselbladen.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Henri Scordia
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een splitvrucht. De vruchten zijn eivormig, 3-4 mm en met gebogen stekels zonder weerhaakje. De deelvruchten zijn aan de zijkanten iets afgeplat. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Qwert1234 -
CC BY-SA 3.0


Marie Portas 
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud
- tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Half tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, losse, basische, vaak kalkhoudende grond (leemhoudend zand, leem, zavel en kalkrotsen).

Groeiplaatsen: Bossen (langs boswegen), heggen, bosranden (voedselrijke zomen), kapvlakten, struwelen (o.a. op dijken), droge ruigten, langs spoorwegen (spoorwegbermen en spoorwegtaluds), zeeduinen, grasland (weiland en droge greppels), bermen, braakliggende grond en afgravingen.

Verspreiding

Wereld: Europa, behalve in de meest noordelijke delen. Ook in de Kaukasus, aan de zuidkant van de Himalaya en in Oost-Azië. Ingeburgerd in Noord-Amerika.

Nederland: Plaatselijk algemeen in Zeeland en in de Hollandse en Zeeuwse duinen en vrij algemeen in het rivierengebied, in het oosten van het land en in Zuid-Limburg. Elders vrij zeldzaam, maar zeer zeldzaam in het Waddengebied.

Vlaanderen: Algemeen, maar minder algemeen  in de Kempen.
Wallonië:
Vrij algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 5, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1828)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL