Wilde planten in Nederland en België

Hondskruid - Anacamptis pyramidalis

Frysk: Reade kaaiblom

English: Pyramidal orchid

Français: Orchis pyramidal

Deutsch: Pyramiden-Orchidee

Synoniemen:

Familie: Orchidaceae (Orchideeënfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Anacamptis komt van het Griekse anakamptoo (ombuigen), omdat de zijdelingse, buitenste bloemdekdelen afstaan. Pyramidalis betekent piramidevormig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 30-60 cm.


Orchi -
CC BY-SA 3.0


Franz Xaver -
CC BY-SA 3.0


Patrice78500 - Public Domain


© Hans Hillewaert -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Wortelknollen.


Amada44 -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De ronde stengels staan rechtop.


Nanosanchez - Public Domain


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De kale bladeren zijn lijnvormig-langwerpig. Deze bladeren komen al in de herfst tevoorschijn. De verspreidstaande stengelbladen zijn klein, lijn-lancetvormig tot langwerpig, en staan ver van elkaar. Ze zijn lichtgroen en niet gevlekt. De bladrand is gaaf.


Hectonichus -
CC BY-SA 3.0


AnRo0002 -
CC0


AnRo0002 -
CC0


Andrea Moro -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De aar is eerst kegelvormig, later wordt de aar eivormig tot rolrond. De aar bevat veel bloemen en is 4-8 cm. De bloemen zijn helder paarsrood tot rozerood of soms wit. De bloemlip is 6-8 mm en heeft drie lobben of drie spleten. Verder hebben de bloemen langwerpige slippen en aan de voet van boven twee rechtopstaande hoogterichels. De   tot 2,5 cm lange spoor is draadvormig, gebogen en even lang of langer dan het onderstandig vruchtbeginsel.


Nanosanchez - Public Domain


Alberto Garcia -
CC BY-SA 2.0


BerndH -
CC BY-SA 3.0


Randi Hausken -
CC BY-SA 2.0

Vruchten: Een doosvrucht. Eenzaadlobbig.


AnRo0002 -
CC0


AnRo0002 -
CC0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden licht beschaduwde, open plaatsen op droge tot matig vochtige, voedselarme, kalkrijke, humushoudende grond (duinzand en mergel).

Groeiplaatsen: Grasland (grazige hellingen, kalkgrasland en schraal grasland), bermen, langs lichte laantjes, zeeduinen (duingrasland, vooral op noordhellingen) en opgespoten grond.

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-Azië, Noord-Afrika en Zuid- en Midden-Europa. Noordelijk tot in Ierland, Schotland en het Oostzeegebied.

Nederland: Zeldzaam. Het meest in Zuid-Limburg, in de duinen en in Zeeland.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.

Wallonië: Vrij algemeen in de Famenne en de Gaume. Elders zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 14, Jan Kops en F.W. van Eeden (1872)


Orchios tertium genus, tderde Cullekenscruyt
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 2 Cyperaceae, deel 3, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Die Orchidaceen Deutschlands, Deutsch-Oesterreichs und der Schweiz, M. Schulze (1894)


Flora regni borussici, deel 1, A.G. Dietrich (1832-1833)


New Kreüterbuch, P.A. Mattioli (1563)


Svensk botanik, deel 9, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


© 2001-2020 K.M. Dijkstra