Wilde planten in Nederland en België

Hondsroos - Rosa canina

Frysk: Kantsjeroas

English: Dog-rose

Français: Églantier

Deutsch: Hagebutte

Synoniemen:

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Rosa is het Latijnse woord voor roos. De naam komt komt via het Griekse rodon van het Oudperzische wurdo, waar het doornstruik betekende. Canina betekent van een hond en slaat op de overtuiging van de oude Grieken dat deze roos hondenbeten genas. Plinius noemde de plant daarom Rosa canina (Hondsroos).

Opmerking: Een zeer variabele struik, die in 2003 werd opgedeeld in verschillende soorten: Hondsroos, Behaarde struweelroos, Beklierde heggenroos, Heggenroos, Kale struweelroos, Schijnegelantier, Schijnheggenroos, Schijnhondsroos en Wigbladige roos.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 2-3 meter.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Roberta F. -
CC BY-SA 3.0


H. Zell -
CC BY-SA 3.0


Luc Viatour -
CC BY-SA 3.0

Wortels: Meestal zonder wortelopslag.

Takken: De groene of soms roodachtig aangelopen takken zijn meestal boogvormig, maar soms groeien ze meer rechtop. Op de takken groeien brede, haakvormig gekromde stekels. Takken met verticaal verlopende schorsspleten.


Chmee2 -
CC BY-SA 3.0


AnRo0002 -
CC0


Plamen Agov -
CC BY-SA 3.0


4028mdk09 -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De verspreidstaande bladeren zijn vijf- en zeventallig. De deelblaadjes zijn langwerpig-eirond, enkel of dubbel gezaagd, niet of weinig glanzend, vaak iets blauwachtig en kaal tot dicht behaard. klierharen ontbreken of ze groeien alleen aan de bladonderkant op de nerven. Bij wrijven ruik je geen appelgeur. Aan de voet van de bladsteel vind je de beide steunblaadjes.


Cor Nonhof -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De 4-6 cm grote bloemen zijn meestal zachtroze, maar soms wit. De vijf kroonbladen zijn duidelijk langer dan de vijf kelkbladen. De korte stijlen komen maar weinig buiten de bloemkroon uit. De kelkbladen zijn na de bloei teruggeslagen en vallen af voordat de vrucht rijp is. De buitenste twee kelkbladen zijn geveerd, met smalle slippen. De vele meeldraden groeien op de flesvormige bloembodem. Het vruchtbeginsel is onderstandig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Cor Nonhof -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Luc Viatour -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een vlezige schijnvrucht. De 1,5-2 cm grote, flesvormige bottels zijn oranjerood, zonder klieren. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Cor Nonhof -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Filip Maljkovic -
CC BY-SA 2.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op vochtige tot droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot kalkrijke grond.

Groeiplaatsen: Hagen, bosranden, lichte loofbossen, bermen, struwelen, uiterwaarden, moerasbosranden, duinen (duinvalleien), hellingen, dijken en langs spoorwegen (spoorbermen).

Verspreiding

Wereld: Europa, behalve in de noordelijkste delen. Ook in Zuidwest-Azië en Noord-Afrika. Ingeburgerd in Noord-Amerika.

Nederland: Algemeen.

Vlaanderen: Algemeen.
Wallonië:
Vrij algemeen.

Toepassingen

Vroeger werd een extract van de wortel gebruikt als geneesmiddel tegen hondsdolheid. De Hondsroos is bekend om zijn lange levensduur en is door vele vorstenhuizen en adellijke geslachten als symbool gekozen. De bottels bevatten veel vitamine C. In de Tweede Wereldoorlog hield de Engelse regering een grote campagne om bottels te verzamelen omdat Duitse onderzeeërs de aanvoer van sinaasappels belemmerden. Van de bladeren kan een zachte, versterkende thee worden getrokken.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen, deel 5, Johann Carl Krauss (1800)


Deutschlands flora, deel 5, J. Sturm, J.W. Sturm (1804-1806)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Vollständige Beschreibung und Abbildung der Sämmtlichen Holzarten, F.L. Krebs (1826)


Flora regni borussici, deel 12, A.G. Dietrich (1844)


Svensk botanik, deel 7, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


Canina rosa odorata et sylvestris
Plantarum seu stirpium icones, deel 2, M. de Lobel (1581)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Botanische Wandtafeln


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL