Wilde planten in Nederland en België

Hondstarwegras - Elymus caninus

Frysk:

English: Bearded Couch

Français: Chiendent des chiens

Deutsch: Hunds-Quecke

Synoniemen: Roegneria canina, Agropyron caninum

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Elymus komt van het Griekse eluo (ik omwikkel), hetgeen er op slaat, dat de korrels door de kafjes zijn omgeven. Caninus betekent van een hond.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juni en juli.

Afmeting: 50-200 cm.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Alexey P. Seregin -
CC BY-NC 4.0


Helena Yarova -
CC BY-NC 4.0

Wortels: Meestal geen wortelstokken of zelden korte, roze wortelstokken.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Polvormend.


Gerhard Nitter -
CC BY-SA 3.0


Alexey P. Seregin -
CC BY-NC 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Emmanuel Stratmains - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De heldergroene bladeren zijn met de glanzende onderkant naar boven gekeerd. De onderste bladscheden zijn kort behaard. De oortjes aan de top van de bladschede zijn kort, stomp en kruisen elkaar vrijwel niet.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Emmanuel Stratmains - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Patrick Hacker -
CC BY 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijze is meestal vrij slap en hangt vaak iets over. Aartjes met drie tot zes bloemen (bij rijpheid onder elke bloem uiteenvallend). De helmknoppen zijn 2-3 mm lang. De niet afvallende kelkkafjes zijn toegespitst en kort genaald. Ze hebben hoogstens vijf nerven. De kafnaalden van de lemma's zijn 9-23 mm lang en meestal iets bochtig.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Don Pedro28 -
CC BY 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een graanvrucht. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Eenzaadlobbig.


Emmanuel Stratmains - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Svetlana Nesterova -
CC BY-NC 4.0


Alexey P. Seregin -
CC BY-NC 4.0


Jose Hernandez - USDA-NRCS PLANTS Database

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde plaatsen op zeer vochtige tot natte, voedselrijke, humeuze, neutrale tot kalkhoudende, iets humeuze grond (klei, leem en zand). Dikwijls op plaatsen met enige bodemverstoring.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, bronbossen, rivier- en beekbegeleidende bossen en langs bospaden), bosranden, hakhout, grienden, heggen, struwelen, moerassen (dichtgegroeide tichelgaten), waterkanten (oeverwallen), aan de voet van hellingen, aan de voet van holle wegen, in stobben en knotbomen, bermen en opgespoten grond.

Verspreiding

Wereld: West- en Midden-Azië en bijna heel Europa.

Nederland: Zeldzaam in Zuid-Limburg, in het rivierengebied en in enkele aangrenzende gebieden. Mogelijk ook nog zeer zeldzaam in de Hollandse en Zeeuwse duinen.

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest in de Leemstreek en de Maasvallei.
Wallonië:
Zeldzaam. Het meest in het Maasgebied en de zuidelijke Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Hunds-Quecke
Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 1 Graminae, deel 2, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL