Wilde planten in Nederland en België

Italiaans raaigras - Lolium multiflorum

Frysk: Kettingraai

English: Italian Rye Grass

Français: Ray-grass d'Italie

Deutsch: Welsches Weidelgras

Synoniemen:

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Italiaans raaigras is mogelijk oorspronkelijk geïmporteerd vanuit Italië. Raaigras komt van het Engelse rye-grass. Lolium is de oude naam voor raaigras of dolik. De herkomst van deze naam is niet bekend. Multiflorum betekent met veel bloemen.

Kruising: Tussen Engels raaigras en Italiaans raaigras kunnen vruchtbare bastaarden ontstaan, plaatselijk komen bastaardzwermen voor (Lolium x hybridum). Deze kruising wordt ook wel ingezaaid. Italiaans raaigras kan eveneens een kruising vormen met Beemdlangbloem (Festulolium x braunii).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig, tweejarig of soms overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt of hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juni t/m oktober.

Afmeting: 30-100 cm.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


lanechaffin -
CC0-1.0


Harry Rose -
CC BY 2.0


Michel Rougé -
CC BY-SA 2.0 FR

Wortels


Botanischer Garten und Botanisches Museum Berlin -
CC BY-SA 3.0


Florent Beck -
CC BY-SA 2.0 FR


Forest and Kim Starr -
CC BY 3.0 us


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Stengels: De plant vormt een minder dichte zode dan Engels raaigras. De rechtopstaande stengels zijn glad, maar de top is min of meer ruw.


Florent Beck -
CC BY-SA 2.0 FR


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 3.0


Bruno Jonge Poerink - CC BY-NC-ND 4.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Bladeren: De heldergroene bladen worden tot 1 cm breed. Ze hebben een glanzende onderkant. Voor ontplooiing zijn ze ingerold (bij Engels raaigras zijn de bladen voor ontplooiing gevouwen). De bladschede en ook de bladbovenkant is ruw. Het tongetje wordt tot 1,5 mm lang.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Alexander Rumpel -
CC BY-NC 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De aaras is ruw. De aartjes zijn afgeplat en staan in twee rijen met de smalle kant naar de as gekeerd. Het onderste kelkkafje heeft zeven nerven., en is half zo lang als het aartje. Het onderste kroonkafje (lemma) is 7-8 mm lang en genaald. De kafnaalden worden 0,5-1 cm lang. Bloemen met drie meeldraden, een bovenstandig vruchtbeginsel en één stijl met twee stempels.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Show ryu -
CC BY-SA 3.0


Harry Rose -
CC BY 2.0

Vruchten: Een graanvrucht. De zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Dominique Remaud - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op vochtige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, vaak sterk bemeste grond.

Groeiplaatsen: Akkers, grasland (nieuw ingezaaid grasland en weiland), bermen, ruigten, ruderale plaatsen en omgewerkte grond.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuidwest-Azië, Noord-Afrika en Zuid-Europa. Sinds de 18de eeuw in noordelijker delen van Europa ingeburgerd en later ook in andere werelddelen.

Nederland: Algemeen, maar vrij algemeen in Noordoost-Nederland.

Vlaanderen: Algemeen.
Wallonië:
Vrij algemeen, maar vrij zeldzaam in de Ardennen.

Toepassingen

Italiaans raaigras geeft een zeer hoge opbrengst. Het is zeer smakelijk voor het vee en heeft voor de bloei een hoge voederwaarde. Daarnaast wordt het na de graanoogst gezaaid als groenbemesting (stoppelgewas).

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 15, Jan Kops en F.W. van Eeden (1877)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Distribution méthodique de la famille des Graminées, Plates, K.S. Kunth (1835)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL