u

Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Kamferalant - Dittrichia graveolens

Frysk: Kaanferalant

English: Stink Aster

FranÁais: nule fťtide

Deutsch: Klebriger Alant

Synoniemen: Inula graveolens, Stinkende alant

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Dittrichia is genoemd naar de Duitse botanicus Manfred Dittrich (1934), de voormalige directeur van het herbarium in de Botanische Tuin in Berlijn. Graveolens is sterk riekend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: In dat ene jaar ontkiemt de plant, bloeit ze, produceert zaad en sterft." target=_blank>Eenjarig

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 20-50 cm.


Javier Martin - Public Domain


Javier Martin - Public Domain


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Jean-Luc Gorremans -
CC BY-SA 2.0 FR

Wortels


bisque.iplantcollaborative.org -
CC BY-NC 3.0


europeana.eu -
CC-BY-NC-SA-3.0


europeana.eu -
CC-BY-NC-SA-3.0


image.br.fgov.be -
CC BY-NC-ND 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn sterk beklierd. De plant verspreidt een duidelijke kamfergeur.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De lancetvormige tot langwerpige bladeren zijn gaaf of kort getand.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Gertjan van Mill -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Liliane Roubaudi -
CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: De kleine hoofdjes vormen samen slanke pluimen. Elk hoofdje is 0,5-1,2 cm breed. De lintbloemen worden tot 3 mm lang en zijn niet of weinig langer dan de omwindselbladen.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Gertjan van Mill -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De nootjes zijn rolrond en de pappusharen zijn bij de voet samengegroeid. Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pioniervegegatie) op (minstens periodiek) vochtige, voedselrijke, vaak iets stenige grond.

Groeiplaatsen: Industrieterreinen, haventerreinen, mijnsteenbergen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), bermen (middenbermen van autowegen) en braakliggende grond.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied en Zuid- en Midden-Europa. Noordelijk tot in Midden-Frankrijk. Plaatselijk ingeburgerd in noordelijker landen.

Nederland: Vrij  zeldzaam. Ingeburgerd tussen 1975 en 1999.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam ingeburgerd.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam ingeburgerd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Graeca, deel 9, J. Sibthrop, J.E. Smith (1837)


Plantae per Galliam, Hispaniam et Italiam observatae, J. Barrellier (1714)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL