Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Kandelaartje - Saxifraga tridactylites

Frysk: Dķnstienbrek

English: Rue-leaved saxifrage

FranÁais: Saxifrage ŗ trois doigts

Deutsch: Dreifinger-Steinbrech

Synoniemen:

Familie: Saxifragaceae (Steenbreekfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Saxifraga komt van het Latijnse saxum (rots) en frangere (breken). Veel soorten groeien in scheuren en spleten van rotsen en men meende dat de planten het gesteente tijdens de groei had laten barsten. Tridactylites betekent drievingerig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: April, mei en juni.

Afmeting: 2-15 cm.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


MurielBendel -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Worteldiepte tot 10 cm.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De stengels zijn vaak wijd vertakt, meestal sterk rood gekleurd en kleverig door klierharen.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Parkywiki -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De blaadjes zijn iets vlezig. De onderste zijn spatelvormig, niet gelobd en al verwelkt tijdens de bloei. De andere bladeren met drie tot vijf lobben of spleten en een iets spitse punt.


MurielBendel -
CC BY-SA 4.0


Bernard Dupont -
CC BY-SA 2.0


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


© Hans Meijer - verspreidingsatlas.nl

Bloemen: Tweeslachtig. De witte bloemen zijn 2-4 mm. De kroonbladen zijn iets uitgerand en twee keer zo lang als de eironde kelkslippen. Het bloemsteeltje is veel langer dan de bloem.


MurielBendel -
CC BY-SA 4.0


Bernard Dupont -
CC BY-SA 2.0


AnRo0002 -
CC0


Willie Riemsma -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De zaden zijn kortlevend (ťťn tot vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Jean-Jacques Houdrť -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Dominique Remaud -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pionier) op droge, voedselarme, neutrale tot kalkrijke grond (zand, mergel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Rotsen, zeeduinen (duinbermen en kalkrijke mosduinen), akkers, rivierduinen, langs spoorwegen (spoorwegterreinen en spoorbermen), tussen straatstenen, grasland (kalkhellingen en kalkgrasland), oude muren (stadsmuren), zandige rivierdijken, begraafplaatsen en opgespoten grond.

Verspreiding

Wereld: Middellandse-Zeegebied en een groot deel van Europa en Zuidwest-AziŽ.

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen in de Hollandse en Zeeuwse duinen en in stedelijke omgeving en zeldzaam in Zuid-Limburg, op de Waddeneilanden en in het rivierengebied. Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Vrij algemeen.
WalloniŽ:
Vrij algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 5, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1828)


Deutschlands flora, deel 9, J. Sturm, J.W. Sturm (1812-1814)


Flora regni borussici, deel 4, A.G. Dietrich (1836)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


La flore et la pomone francaises, deel 2, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1829)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL