Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Kleine maanvaren - Botrychium simplex

Andere namen

Frysk:

English: Little Grapefern

FranÁais: Petit botryche

Deutsch: Einfache Mondrauke

Verouderde of andere namen: Botrychium tenebrosum

Classificatie

Klasse: Pteropsida

Orde: Ophioglossales

Familie: Ophioglossaceae (Addertongfamilie)

Geslacht: Botrychium (Maanvaren)

Soort: Botrychium simplex

Naamgeving (Etymologie): Botrychium komt van het Griekse bostrychion (druivenrank). Vooral de nog niet geheel ontwikkelde vruchtbare bloeiwijzen doen aan een druiventros denken, terwijl de omgekrulde toppen er als kleine ranken uitzien. Simplex betekent enkelvoudig, onvertakt.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend

Plantvorm: Sporenplant.

Winterknoppen: Geofyt.

Rijpe sporen: Mei, juni en  juli.

Afmeting: 5-25 cm.


Jason Hollinger - CC BY 2.0


Dean Wm. Taylor - CC BY 2.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0

Wortels: Een korte wortelstok  met vlezige wortels, die bedekt zijn door enkele vliezige bruine schubben van de resten van afgestorven bladeren.


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


images.cyberfloralouisiana.com - CC0-1.0


lod.ansp.org - CC BY-NC 3.0

Stengels: Een rechtopstaande stengel.


AlbertHerring - CC BY 2.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


bonnier.flora-electronica.com

Bladeren: Het onvruchtbare bladdeel is langwerpig  en staat schuin opzij. Het is diep ingesneden met aan beide kanten drie tot zeven waaiervormige gekartelde  deelblaadjes, die vaak veel breder dan lang zijn. Het onvruchtbare deel van het blad heeft een duidelijke steel.


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


bonnier.flora-electronica.com


bonnier.flora-electronica.com

Vruchten: Het vruchtbare deel van het blad is gesteeld en meestal langer dan het onvruchtbare. Meestal is het dubbel geveerd  met pluimvormige  bruine sporenaren.


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0


Keir Morse - CC-BY-NC-SA-3.0

Biotoop

Bodem: Halfbeschaduwde plaatsen op vrij vochtige tot vochtige, voedselarme, met name stikstofarme grond.

Groeiplaatsen: Zeeduinen, moerassen (duinmoeras), vochtig grasland, veengebieden en waterkanten (langs sloten).

Verspreiding

Wereld: Van Centraal-Europa tot in Midden-ScandinaviŽ (ook in de PyreneeŽn en Midden-Frankrijk) en in het noordoosten en noordwesten van Noord-Amerika. Ook op IJsland, in Groenland en Japan.


gbif.org

Nederland: Niet in Nederland.

Vlaanderen: In 1908 bij Knokke gevonden.
Rode lijst Vlaanderen. Verdwenen uit Vlaanderen.

WalloniŽ: Niet in WalloniŽ.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).

© 2001-2018 K.M. Dijkstra