Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Kleine majer - Amaranthus blitum

Andere namen

Frysk: Lytse amarant

English: Purple Amaranth

Français: Amarante Blette

Deutsch: Aufsteigender Amarant

Verouderde of andere namen: Amarantus blitum, Amaranthus lividus

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Amaranthaceae (Amarantenfamilie)

Geslacht: Amaranthus (Amarant)

Soort: Amaranthus blitum

Naamgeving (Etymologie): Amaranthus komt van het Griekse a (niet) en marainomai (ik verwelk), omdat de bloemen wel verdrogen, maar niet afvallen. Blitum is de vroegere geslachtsnaam van Rode aardbeispinazie en is ontleend aan het Keltische blith (smakeloos).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus, september, oktober en november.

Afmeting: 40-80 cm.


P.F. Stolwijk - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Arjan de Groot - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Wortels


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/

Stengels: De kale stengels zijn vaak rood aangelopen. Aan de top groeien vaak geen bladeren. Meestal vormt de plant een plat op de grond liggende mat, maar soms staat hij min of meer rechtop.


Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Etienne Aspord - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De eivormige bladeren zijn aan de top afgeknot met een kleine inham.


P.F. Stolwijk - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Dalgial - CC BY 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De groenige bloemen bestaan uit een bloemdek met drie bladen. Het schutblad is iets korter dan de bloemdekbladen.


http://www.kuleuven-kulak.be/


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Jacques Maréchal - CC BY-SA 2.0 FR


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige (nootje), openspringende vrucht. De vruchten zijn iets langer dan het bloemdek. Ze zijn ruitvormig met een spitse top, samengedrukt, zwak rimpelig en zonder groene nerven. De zaden zijn afgeplat aan de zijkanten en met een spitse top. Tweezaadlobbig.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op matig vochtige tot droge, matig voedselrijke grond. De plant is goed bestand tegen betreding (zand of stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Perken, kwekerijen, tussen straatstenen, waterkanten (zandige rivieroevers), akkers (hakvruchtakkers), moestuinen, plantsoenen, kassen en stortplaatsen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied. Nu in alle werelddelen.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in het westen en zeldzaam langs de grote rivieren. Elders zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam.
Rode lijst: Niet bedreigd.

Wallonië: Zeldzaam.

Toepassingen

Kleine majer kwam al in de prehistorie in bijna alle werelddelen voor. Rood of bleek gekleurde vormen waren vroeger in cultuur als groente. In Oost-Azië wordt de plant nog steeds veel gegeten.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 9, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1846)


Flora Batava, deel 9, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1846)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra