Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Klein slijkgras - Spartina maritima

Frysk:

English: Small Cordgrass

FranÁais: Spartine maritime

Deutsch: Niederes Schlickgras

Synoniemen: Sporobolus maritimus

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Spartina is afgeleid van het Griekse spartine (koord of strik). De bladen werden wel gebruikt om koorden te maken. Maritima betekent van of aan de zee.

Kruising: Klein slijkgras kan een kruising vormen met Engels slijkgras (Spartina x townsendii).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juli, augustus en september.

Afmeting: 15-50 cm.


Miguel Sanz AlcŠntara -
CC BY 3.0


Liliane Roubaudi -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl

Wortels: Klein slijkgras heeft dunnere en kortere wortelstokken dan Engels slijkgras.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Een rechtopstaande bloeistengel.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Liliane Roubaudi -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Bladeren: De bladeren staan bijna rechtop en zijn 2-6 mm breed. Van de onderste bladeren breekt de bladschijf spoedig af. Het tongetje bestaat uit haren (lengte: 0,2-0,6 mm).


Gael Lechapt -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Thomas Silberfeld -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


© Theo Muusse - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijze bevat ťťn tot vijf, maar meestal twee of drie aren, die maar zelden langer worden dan 10 cm. De aartjesloze top van de aaras is hooguit 1Ĺ cm. De aartjes zijn 1,1-1Ĺ cm lang. Het bovenste kelkkafje is niet langer dan 1Ĺ cm. De helmknoppen zijn 4-6 mm.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Mathieu Menand -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi -
tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een graanvrucht. Eenzaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op natte, voedselrijke, zilte grond.

Groeiplaatsen: Slikken en lage kwelders (schorren).

Verspreiding

Wereld: In Zuid-Afrika en Marokko is het op verscheidene plaatsen gevonden, in het tussenliggende deel van de Afrikaanse westkust zijn slechts enkele vondsten bekend. In Europa komt het voor van Portugal tot Zuidwest-Nederland en Oost- en Zuid-Engeland en langs het noordelijke deel van de Adriatische Zee bij VenetiŽ en Rijeka.

Nederland: Vroeger zeer zeldzaam aan de kust, voornamelijk in Zeeland.

Vlaanderen: Verdwenen. Vroeger zeer zeldzaam in het Schelde-estuarium.Voor het laatst gevonden rond 1930.
WalloniŽ:
Niet in WalloniŽ.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 8, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1844)


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 1 Graminae, deel 2, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


British phaenogamous botany, deel 3: W. Baxter (1834-1843)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL