Wilde planten in Nederland en België

Klimopwaterranonkel - Ranunculus hederaceus

Frysk:

English: Ivy-leaved Crowfoot

Français: Renoncule à feuilles de lierre

Deutsch: Efeublättriger Wasserhahnenfuß

Synoniemen:

Familie: Ranunculaceae (Ranonkelfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Ranunculus is het verkleinwoord van het Latijnse rana (kikker). Ranonkels groeien vaak in of langs het water en in vochtige weiden, de plek waar veel kikkers voor komen. Hederaceus verwijst naar klimop.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Bloeimaanden: April, mei, juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 5-25 cm.


© Jelle Hofstra - verspreidingsatlas.nl

© Joost Bouwmeester - verspreidingsatlas.nl


R.F. Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Françoise Madic - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Wortel: De stengels wortelen op de knopen.


Catherine Mahyeux - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De korte stengels kruipen of zweven in het water. Over hun hele lengte groeien zijstengels, die zich alleen aan de top oprichten.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Jelle Hofstra - verspreidingsatlas.nl


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0


Marie Portas - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bladeren: De drijvende bladen zijn ondiep ingesneden, drie- of vijflobbig (het breedst aan de voet), lichtgroen en soms met een zwarte tekening.

© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

© Joost Bouwmeester - verspreidingsatlas.nl


Jean-Claude Calais - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Patricia Jargeat - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De witte bloemen zijn 3-6 mm. De kroonbladen staan schuin omhoog en zijn nauwelijks groter dan de min of meer afstaande kelkbladen. De bloembodem is kaal.


© Joost Bouwmeester - verspreidingsatlas.nl


Frank Vassen -
CC BY 2.0


Françoise Madic - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Amélie Derouault - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchtjes zijn kaal. Het snaveltje bevindt zich iets onder de top. De vruchtsteel kromt zich sterk. Tweezaadlobbig.


José Luis Romero Rego - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


José Luis Romero Rego - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk -
CC-BY-NC-SA-2.0 uk

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in ondiep, helder, stromend, matig voedselrijk, vaak kalkarm, zuurstofrijk, zoet of zwak brak water, meestal met een zandbodem, soms op veen, zelden op klei. Meestal in kwelzones van mineraalarm grondwater. Ook op plekken die tijdelijk droogvallen.

Groeiplaatsen: Brongebieden, water en waterkanten (droogvallende plassen, beekjes, sprengen, sloten, met name kwelsloten en nieuwe greppels en poelen) en grasland (open plaatsen in nat grasland, bijv. in trapgaten van vee).

Verspreiding

Wereld: West-Europa, van Zuid-Spanje tot op de Britse eilanden en in Jutland. Daarbuiten op enkele verspreide plaatsen in Polen, Scandinavië en langs de oostkust van Noord-Amerika.

Nederland: Zeldzaam in het oosten van het land, in Midden-Nederland en in Zeeuws Vlaanderen en zeer zeldzaam in de duinen bij Schoorl.

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest nog in de Kempen en de Zand- en Zandleemstreek.
Wallonië:
Zeldzaam in de Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 5, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1828)


Deutschlands flora, deel 16, J. Sturm, J.W. Sturm (1835-1837)


Svensk botanik, deel 10, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Londinensis, deel 4, William Curtis (1781-1784)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 1, J.E. Sowerby (1863)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL