Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Kustzegge - Carex divisa

Frysk: Waardsigge

English: Divided Sedge

FranÁais: LaÓche divisťe

Deutsch: Knopfbinsen-Segge

Synoniemen: Waardzegge

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Zegge stamt uit het Indogermaanse woord seq (snijden). Carex is zeer waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse ceiro (ik snij), een verwijzing naar de scherpe kanten van de bladeren. Divisa betekent verdeeld.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Mei en juni.

Afmeting: 30-75 cm.


Fred EthŤve -
CC BY-SA 4.0


Rutger Barendse - freenatureimages.eu


A.Poirel - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Ńngel FernŠndez Cancio -
CC BY-NC 4.0

Wortels: Kruipende, heen en weer gebogen, vrij korte, vertakte wortelstokken.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: Vrij dichte matten (zoden) vormend.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Bladeren: De onderste bladscheden zijn lichtbruin tot donker grijsbruin. JUiteindelijk gaan ze rafelen.


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. Het onderste schutblad is veel langer dan de bloeiwijze. De bloeiwijze is compact en bevat hoogstens acht aren. De aren zijn meestal aan de voet vrouwelijk en bovenaan mannelijk. De middelste aren zijn soms helemaal mannelijk. De bruine kafjes zijn 3Ĺ-5 mm en zonder een groene kiel.


Marie Portas - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


LouiseB - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


AssociaÁ„o Vita Nativa -
CC BY-NC 4.0


LouiseB - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De urntjes zijn 2Ĺ-4 mm lang. Bij de top (de snavel) zijn ze zeer smal gevleugeld. Eenzaadlobbig.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Liliane Roubaudi - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselrijke tot voedselrijke, brakke grond.

Groeiplaatsen: Waarden langs het IJsselmeer en grasland (ontziltend grasland en nat, bemest grasland).

Verspreiding

Wereld: Zuidwest-AziŽ, Noord-Afrika, Zuid-Afrika, Zuid-, Zuidwest- en West-Europa en in de steppen in Zuidoost-Europa. In West-Europa noordelijk tot in Noord-Engeland.

Nederland: Zeer zeldzaam. Vroeger, sinds 1960, op de Makkumerwaard aan de Friese IJsselmeerkust. Recenter in Zeeuws-Vlaanderen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. In de 19e eeuw enkele malen gevonden in het kustgebied tussen Nieuwpoort en De Panne. Nu alleen nog bij Oostduinkerke.
WalloniŽ:
Niet in WalloniŽ.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


No. 61 - No. 18 - No 87 - No. 62 Tab R.
Beschreibung und Abbildung der theils bekannten, theils noch nicht beschriebenen Arten von Riedgršsern, C. Schkuhr (1801)


Fig. 22 G en H
Das Pflanzenreich, deel 20, H.G.A. Engler (1900-1968)


Fig. 2
Archiv fŁr die Botanik, deel 2 (1796-1805)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Transactions of the Linnean Society of London, deel 2 (1815)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL