Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Langstekelige distel - Carduus acanthoides

Frysk:

English: Plumeless Thistle

FranÁais: Chardon fausse Acanthe

Deutsch: Weg-Distel

Synoniemen: Veeldoornige distel

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Carduus komt uit het Latijn en betekent Wilde distel of Artisjok. Acanthoides komt van het Griekse akantha (doorn).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 30 cm tot 1,3 meter.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Fanghong -
CC BY-SA 3.0


Syp - Public Domain


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Een penwortel.


hasbrouck.asu.edu -
CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu -
CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu -
CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu -
CC0-1.0

Stengels: De stengels zijn vertakt en tot vlak onder de bloemhoofdjes stekelig gevleugeld met tot 5 mm lange stekels.


Willemien Troelstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De langwerpige bladeren zijn veerdelig, dofgroen en aan de onderkant iets spinnenwebachtig behaard. De bladrand is stekelig en draagt tot 5 mm lange stekels.


Willemien Troelstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Syp - Public Domain


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen staan afzonderlijk of zelden met twee of drie bij elkaar op korte, gekroesd-gevleugelde stelen. De rechtopstaande, roodpaarse bloemhoofdjes zijn 1-2Ĺ cm groot. De omwindselbladen staan iets af of zijn opgericht. Ze hebben een zwakke stekelpunt. De middennerf van de middelste omwindselbladen springt tot aan de voet uit.


Syp - Public Domain


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Willemien Troelstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Zaden met vruchtpluis. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan ťťn jaar). Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, vrij open plaatsen op droge, matig voedselrijke grond.

Groeiplaatsen: Bermen, grasland, uiterwaarden, ruigten grazige en kalkrijke ruigten), heggen, omgewerkte grond en braakliggende grond.

Verspreiding

Wereld: In een groot deel van Europa. Ingevoerd in Noord-Amerika, AziŽ, AustraliŽ en Nieuw-Zeeland.

Nederland: Zeer zeldzaam. Het meest in het rivierengebied.

Vlaanderen Zeer zeldzaam.
WalloniŽ
Zeer zeldzaam.

Toepassingen

Een heg van deze distels werd beschouwd als een afweermiddel tegen blikseminslag, omdat deze en andere distels in verband zouden staan met Thor, de Noorse god van donder en bliksem.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm.


Flora regni borussici, deel 12, A.G. Dietrich (1844)


Unsere Unkršuter, Zweite Auflage, L. Klein (1926)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


Bilder ur Nordens Flora, deel 3, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Londinensis, deel 6, William Curtis (1789-1798)


Cirsium Matthioli
Hortus Eystettensis, deel 2, Bessler, Basilius (1620)


Carduus spinosissimus vulgaris
Plantarum seu stirpium icones, deel 2, M. de Lobel (1581)


Plantarum indigenarum et exoticarum Icones ad vivum coloratae, deel 8 (1794)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL