Wilde planten in Nederland en België

Lidsteng - Hippuris vulgaris

Frysk: Krûpelreid

English: Mare's Tail

Français: Pesse vulgaire

Deutsch: Tannenwedel

Synoniemen: Hippuris generalis

Familie: Plantaginaceae (Weegbreefamilie)

Naamgeving (Etymologie): Hippuris komt van het Griekse hippos (paard) en oura (staart), omdat de plant op een Paardenstaart (Equisetum) lijkt. Vulgaris betekent gewoon.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt of helofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli en augustus.

Afmeting: 15 tot 90 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Willie Riemsma -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Wortels: Een kruipende, vertakte wortelstok.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


Franco Fenaroli -
CC BY-NC-ND 4.0

Stengels: De holle, buisachtige stengels staan rechtop en steken boven het water uit. Zelden drijven ze. Ze zijn niet vertakt, blauwachtig groen en kaal. Afgebroken plantendelen kunnen door het water worden meegevoerd, daar opnieuw gaan groeien en zo de soort verspreiden.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Christian Fischer -
CC BY-SA 3.0


Gianluca Nicolella -
CC BY-NC-ND 4.0

Bladeren: De ongeveer 2 cm lange bladen groeien in dicht bij elkaar staande kransen van vier tot zestien (het meest acht) bladen. Ze zijn lijnvormig tot langwerpig, spits, niet gezaagd en staan af. Ze hebben een duidelijke nerf. Naar boven toe worden de bladeren iets kleiner. De ondergedoken bladen in stromend of diep water zijn lang en slap.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Matti Virtala -
CC0


Traper Bemowski -
CC BY 3.0


Olivier Pichard -
CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. Er komen zowel eenslachtige als tweeslachtige bloemen op dezelfde plant voor. De kleine, groene bloemen zitten in de bladoksels. Ze hebben geen kroonbladen.De mannelijke bloemen hebben één meeldraad met een roodachtig helmhokje. De vrouwelijke bloemen hebben één onderstandig vruchtbeginsel met een enigszins veervormige stijl met stempel.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0


Krzysztof Ziarnek -
CC BY-SA 3.0


H. Zell -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De gladde, drijvende zaadjes zijn 2 tot 3 mm groot. Tweezaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen in stilstaand tot stromend, helder, ondiep tot vrij diep, zoet of zwak brak, matig voedselrijk tot voedselrijk, vaak kalkhoudend water (vooral op klei, maar ook wel op zand, leem, zavel en veen, van mineraalrijk tot zeer organisch).

Groeiplaatsen: Water (duinmeertjes, poelen, poldersloten, greppels, oude rivierarmen, beken, veenwijken en vijvers).

Verspreiding

Wereld: Koelere delen op het noordelijk halfrond en in het zuiden van Zuid-Amerika. De noordelijkste groeiplaatsen liggen aan de noordkust van Groenland.

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen in laagveengebieden, het noordelijk zeekleigebied,l aangrenzende gebieden, in de duinen, in Zeeland en in het rivierengebied. Elders zeer zeldzaam of ontbrekend.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam in de Polders. Elders zeer zeldzaam.


Wallonië: Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 1, Jan Kops (1800)


Duysentknoop Wijfken
Cruijdeboek, deel 1, Rembert Dodoens. Gheslacht, onderscheet, fatsoen, naemen, cracht ende werckinghe (1554)


Deutschlands flora, deel 11, J. Sturm, J.W. Sturm (1821-1825)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Iconographia botanica seu plantae criticae, H.G.L. Reichenbach (1823-1832)


Repräsentanten einheimischer Pflanzenfamilien in bunten Wandtafeln mit erläuterndem Text, C. Bollmann (1879-1882)


Svensk botanik, deel 5, J.W. Palmstruch e.a. (1807)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)


Flora Londinensis, deel 4, William Curtis (1781-1784)


Herbier de la France, deel 8, P. Bulliard (1776-1783)


Icones plantarum sponte nascentium in episcopatu Monasteriensi, deel 1, F. Wernekinck (1798)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Flora regni borussici, deel 5, A.G. Dietrich (1837)


Genera plantarum florae germanicae, Dicotyledones 1, Monochlamidae, deel 1, T.F.L. Nees von Esenbeck (1835)


New Kreüterbuch, P.A. Mattioli (1563)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 4, J.E. Sowerby (1865)


Flora Parisiensis, deel 8, P. Bulliard (1776-1781)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Polygonon femina semine vidua
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

 

© 2001-2020 K.M. Dijkstra