Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Middelste ganzerik - Potentilla intermedia

Andere namen

Frysk: Middelgrut sulverblêd

English: Russian Cinquefoil

Français: Potentille intermédiaire

Deutsch: Mittleres Fingerkraut

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Rosales

Familie: Rosaceae (Rozenfamilie)

Geslacht: Potentilla (Ganzerik)

Soort: Potentilla intermedia

Naamgeving (Etymologie): Potentilla komt van het Latijnse woord potens en betekent krachtig. Dit vanwege de geneeskrachtige werking. Intermedia betekent middelste.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 20 tot 50 cm.


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Koen van Zoest  - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Wortels


storage.idigbio.org - CC BY-NC 3.0


bisque.iplantcollaborative.org - CC BY-NC 3.0


plantdata.bio.cmich.edu - CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org - CC BY-NC 3.0

Stengels: De opstijgende tot rechtopstaande stengels zijn zacht behaard met gekroesde  en lange, afstaande haren.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


Convallaria majalis - CC BY-SA 4.0


Rutger Barendse  - freenatureimages.eu

Bladeren: De handvormige  blaadjes zijn vijftallig en voor een klein deel drietallig, de onderste soms zeventallig. Ze zijn zacht behaard met gekroesde en lange afstaande haren.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Daniel Cahen - CC BY-SA 2.0 FR


Jean-Louis Cheype - CC BY-SA 2.0 FR

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen groeien in een los bebladerd, vaak tamelijk rijkbloemig bijscherm, die de helft of meer van de stengelhoogte in beslag neemt. De lichtgele kroonbladen zijn 3-6 mm lang, ongeveer even lang of iets langer dan de kelkbladen, die na de bloei niet langer worden.


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


Daniel Cahen - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Tweezaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pioniervegetatie) op droge, matig voedselrijke, meestal omgewerkte en kalkarme zandgrond.

Groeiplaatsen: Omgewerkte grond, bermen (zandige plaatsen), ruderale plaatsen, ruigten, langs spoorwegen (spoorwegterreinen en spoorbermen), afgravingen (zandgroeven) en molenbelten.

Verspreiding

Wereld: Noordoost-Europa en Noord-Azië (Noord-Rusland). Sinds de 19e eeuw ook in Midden- en West-Europa. Ingeburgerd in Noord-Amerika.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in het rivierengebied in het midden en zuidoosten. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam. Voor het eerst gevonden in 1885 in Deventer.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Vrij zeldzaam. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeldzaam, maar zich uitbreidend. Het meest in de Kempen en in stedelijke gebieden. Voor het eerst gevonden in 1936.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Wallonië: Zeldzaam.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra