Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Mierik - Armoracia rusticana

Andere namen

Frysk: Piperwoartel

English: Horseradish

Français: Raifort

Deutsch: Meerrettich

Verouderde of andere namen: Mierikswortel

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Brassicales

Familie: Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie)

Geslacht: Armoracia (Mierik)

Soort: Armoracia rusticana

Naamgeving (Etymologie): Volgens sommigen wordt de naam Armoracia in verband met Armoricum (Bretagne), waar de plant veel zou voorkomen. Volgens anderen is de naam afgeleid van het Griekse armos (verbinding) en rakos (flarden), de onderste bladen zijn namelijk vaak gespleten en de bovenste gaaf, dus een plant die als het ware de flarden van de bladen verbindt. Rusticana betekent boers of plattelands.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 60 tot 120 cm.


  Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


  Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Herman Langen  - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een penwortel  en een zware wortelstok.


Attilio Marzorati - CC BY-NC-ND 4.0


Frank Vincentz - CC BY-SA 3.0


Anna reg - CC BY-SA 3.0


bisque.iplantcollaborative.org - CC BY-NC 3.0

Stengels: Rechtopstaande bloeistengels.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


H. Zell - CC BY-SA 3.0

Bladeren: De wortelbladeren zijn langwerpig-eirond. Ze worden soms meer dan 1 meter lang en zijn lang gesteeld en getand. De onderste stengelbladeren zijn meestal diep ingesneden, de bovenste zijn niet gedeeld en getand tot gaafrandig. De stengelbladeren zijn kleiner. Alle bladeren zijn kaal.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De witte, bijna 1 cm grote bloemen groeien in brede pluimen met veel bloemen.


© Marian Baars - verspreidingsatlas.nl


Herman Langen - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een doosvrucht. De hauwtjes zijn bolvormig tot eirond, gezwollen en 4-6 mm groot. Ze groeien op een dunne steel. Rijp zaad wordt in onze omgeving zelden of nooit gevormd. De soort breidt zich hier alleen vegetatief uit. Tweezaadlobbig.


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0


Emma Silviana Mauri - CC BY-NC-ND 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige, warme plaatsen op vochtige, matig tot zeer voedselrijke, met name stikstofrijke, omgewerkte grond (zand, leem, zavel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Bermen, rivierdijken, langs spoorwegen (spoorbermen en spoordijken), ruigten (humeuze ruigten), waterkanten, ruderale plaatsen, heggen, bij composthopen en stenige plaatsen. Vroeger ook in grasland (vochtig weiland).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuid-West-Azië en Zuidoost-Europa (zuidelijk Rusland, het stroomgebied van de Don en de Wolga). De soort is min of meer ingeburgerd in West-Europa, Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland.


gbif.org

Nederland: Vrij zeldzaam in Zuid-Limburg, in het rivierengebied, in Zeeland en in stedelijke gebieden. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Vrij zeldzaam. Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt).


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij zeldzaam.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Wallonië: Zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Toepassingen

Sinds de twaalfde eeuw is Mierik in cultuur om zijn wortel, die als keukenkruid en soms ook als geneeskruid wordt gebruikt. Vooral in Engeland is de soort populair. Hij smaakt mosterdachtig scherp en wordt in de herfst geoogst. Stukken wortel die bij het oogsten in de grond zijn achtergebleven groeien weer uit tot nieuwe planten. Ook door grondverzet of rivierwater worden delen van de wortels verspreid, die weer kunnen uitgroeien. Mierikplanten die op grote afstand van elkaar voorkomen, kunnen zo oorspronkelijk delen van een en dezelfde plant zijn.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 6 (1801)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 6 (1801)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

     

© 2001-2018 K.M. Dijkstra