Wilde planten in Nederland en België

Moeraswederik - Lysimachia thyrsiflora

Frysk-Wylgeblom

English-Tufted Loosestrife

Français-Thyrsiflore jaune

Deutsch-Straußblütiger Gilbweiderich

Synoniemen

Familie-Primulaceae (Sleutelbloemfamilie)

Naamgeving (Etymologie)-Wederik komt van wede (wilg). De bladen van de Grote wederik lijken op die van de wilg. Lysimachia is waarschijnlijk afgeleid van en opgedragen aan Lysimachos, de veldheer van Alexander de Grote. Thyrsiflora komt van het Latijnse thyrsus (pluim, de versierde staf van de Bacchanten) en flos (bloem), dus bloemen die een pluim vormen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur-Overblijvend.

Plantvorm- Helofyt.

Hoofdbloei-Mei t/m juli.

Afmeting-30-60 cm.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Hans Toetenel - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl

Wortels-Een wortelstok met ondergrondse uitlopers. De plant groeit in groepen.


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels-De rechtopstaande stengels zijn vaak kaal, maar soms behaard (met name bovenin) en hebben bruine klierpuntjes.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Cor Nonhof - cc by-nc-sa 3.0 nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Genevieve Botti - cc by-sa 2.0 fr

Bladeren-De meestal kruisgwijs tegenoverstaande, zittende bladen zijn langwerpig (lancetvormig), hebben klierpunten op de bovenkant. Ze zijn halfstengelomvattend. De bladrand is gaaf, maar is wel een beetje naar beneden omgerold.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Cor Nonhof - cc by-nc-sa 3.0 nl


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Meneerke bloem - gfdl

Bloemen-Tweeslachtig. De kleine bloemen groeien in afgeronde, langgesteelde, dichte trossen in de middelste bladoksels (halverwege de steel). Ze zijn geel, 4-6 mm en meestal zes- of zeventallig. De kroonslippen zijn lijnvormig, die worden afgewisseld met kleine tanden en met aan de top rode puntjes. De zes meeldraden zijn langer dan de kroon. De kelkslippen zijn lijnvormig en spits. Het vruchtbeginsel is bovenstandig. De stijl met stempel steekt al voor de bloei uit de bloemknop.


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl

Vruchten en zaden-Een doosvrucht. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem-Zonnige plaatsen op natte, matig voedselrijke, zwak zure, meestal venige grond en in stilstaand of langzaam stromend water (laagveen, zand, leem, zavel en lichte klei).

Groeiplaatsen-In en langs veenputten, veenmoerassen, duinplassen, drijftillen en trilvenen.

Verspreiding

Wereld-Koude en gematigde streken op het noordelijk halfrond.

Nederland-Inheems. Vrij algemeen.

Vlaanderen-Inheems. Vrij zeldzaam.

Wallonië-Ingeburgerd. Zeer zeldzaam.

2001-2024 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl