Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Moeraszuring - Rumex palustris

Andere namen

Frysk: Sompesurk

English: Marsh Dock

Français: Patience des marais

Deutsch: Sumpf-Ampfer

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Caryophyllales

Familie: Polygonaceae (Duizendknoopfamilie)

Geslacht: Rumex (Zuring)

Soort: Rumex palustris

Naamgeving (Etymologie): Zuring duidt op de zure smaak van de plant (door de aanwezigheid van oxaalzuur). Rumex komt het Latijnse woord rumex (werpspies), hetgeen slaat op de bladvorm van een aantal soorten. Palustris betekent het moeras bewonend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt of hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 0,30-1,00 meter.


© Edwin Dijkhuis - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Grada Menting - verspreidingsatlas.nl


Daniela Longo - CC BY-NC-ND 4.0

Wortels


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/


http://herbariaunited.org/

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn enigszins bochtig. De stelen van de vruchtdragende bloemdekken zijn vrij dik en stijf.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Alessandro Alessandrini - CC BY-NC-ND 4.0


Bas Kers - CC-BY-NC-SA-2.0


Enrico Romani - http://luirig.altervista.org

Bladeren: De lijnvormige tot langwerpige bladeren zijn naar de voet en naar de top versmald.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Niels Jeurink - verspreidingsatlas.nl


Louis Rigney - CC BY-NC-ND 4.0


Rutger  Barendse - freenatureimages.eu

Bloemen: Tweeslachtig. De groenachtig gele bloemen vormen samen een los vertakte, open bloempluim, met tot bovenaan bebladerde takken.


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


Daniela Longo - CC BY-NC-ND 4.0


Daniela Longo - CC BY-NC-ND 4.0


Alessandro Alessandrini - http://luirig.altervista.org

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchtpluim is geelachtig groen. De vruchten hebben drie vruchtkleppen met dikke, vaak bruinrode knobbels en een stompe top. De langwerpige tanden aan de rand van de vruchtkleppen lopen niet in een lange naald uit en zijn niet langer dan de vruchtklep zelf. Tweezaadlobbig.


  © Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop
Bodem: Zonnige, vrij open plaatsen (pionier) op natte, voedselrijke, met name stikstofrijke, soms enigszins zilte grond, langs stilstaand of traag stromend water.

Groeiplaatsen: Moerassen (o.a. vegetatiearme, slikkige plaatsen), waterkanten (rivieren, plassen, vijvers, weilandkreken, kanalen en sloten, grindgaten en drooggevallen rivierlopen), grasland (nat en verruigd grasland), afrgravingen (verlaten kleiputten), natte opgespoten vlakten, braakliggende grond, omgewerkte grond en bij mesthopen.

Verspreiding

Wereld: Voornamelijk in Midden- en Zuidoost-Europa. De noordwestgrens van het verspreidingsgebied loopt door Midden-Engeland.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen in West-Nederland, in laagveengebieden, het rivierengebied en het noordelijk zeekleigebied. Elders zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Vrij algemeen in de Polders, langs de Leie en in de Antwerpse Kempen. Elders vrij zeldzaam, maar zeldzaam in de Leemstreek. De soort heeft zich uitgebreid.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.


Wallonië: Zeer zeldzaam.
Rode lijst. Bedreigd.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 8, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1844)


Flora Batava, deel 8, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1844)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra