Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Muurfijnstraal - Erigeron karvinskianus

Andere namen

Frysk: Stientongersied

English: Mexican Fleabane

Français: Erigéron mucroné

Deutsch: Mexikanisches Berufkraut

Verouderde of andere namen: Erigeron mucronatus

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Asterales

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Geslacht: Erigeron (Fijnstraal)

Soort: Erigeron karvinskianus

Naamgeving (Etymologie): Fijnstraal slaat op de fijne straalbloemen. Erigeron is samengesteld uit eri (vroeg) en geron (grijs). De naam slaat op het grijze zaadpluis dat snel na de bloei in grote hoeveelheden verschijnt. Karvinskianus is genoemd naar baron Wilhelm Friedrich Karwinski von Karwin (1780-1855), een Duitse (geboren in Hongarije) plantenverzamelaar in Brazilië en Mexico.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juni, juli en augustus.

Afmeting: 15-50 cm.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Grada Menting  - verspreidingsatlas.nl


© Koen van Zoest  - verspreidingsatlas.nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl

Wortels


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0


hasbrouck.asu.edu - CC BY-NC 3.0

Stengels: De liggende tot opstijgende stengels zijn glad tot weinig behaard, lang, dun, geribd en sterk vertakt. Ze kunnen gaan wortelen en vormen losse pollen.


© Bert Verbuggen - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De onderste bladeren zijn wigvormig  of eirond, vaak drie-lobbig met naar voren gerichte, spitse slippen  en kort gesteeld, de bovenste zijn smal en niet gedeeld. De wortelbladen zijn al voor de bloei verdord. Bij wrijven verspreiden ze een duidelijke geur.


http://www.kuleuven-kulak.be


http://www.kuleuven-kulak.be


Nino Messina - CC BY-NC-ND 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Polygaam. De bloemen vormen samen losse bebladerde pluimen. De bloemhoofdjes zijn 1-1,5 cm in doorsnee. De lintbloemen  zijn van boven wit en van onderen roze tot paars. Ze zijn duidelijk langer dan het omwindsel, lijnvormig, 1 mm breed en 0,9-1 cm lang.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


  http://www.kuleuven-kulak.be


  http://www.kuleuven-kulak.be


  http://www.kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Een 1-1,4 mm lang, lichtbruin nootje met één zaadje en een enkele rij langharig vruchtpluis. De pappus  bestaat enkel uit borstelharen. Tweezaadlobbig.


Giorgio Faggi - CC BY-NC-ND 4.0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

 

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge tot vochthoudende, stenige grond. Soms echter ook op licht beschaduwde, vochtige plaatsen.

Groeiplaatsen: Rotsachtige plaatsen, tussen straatstenen, aan de voet van muren en op oude muren.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Midden-Amerika (Mexico). Ingeburgerd in o.a. een aantal Europese landen.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in stedelijke gebieden. Ingeburgerd tussen 1975 en 1999.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeldzaam ingeburgerd in stedelijke gebieden (het meest in Brugge).
Rode lijst. Criteria niet toepassing.


Wallonië: (Nog) niet in Wallonië.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra