Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Muurganzenvoet - Chenopodiastrum murale

Frysk: Pķnmealje

English: Nettle-leaved Goosefoot

FranÁais: Chťnopode des murs

Deutsch: Mauer-GšnsefuŖ

Synoniemen: Chenopodium murale

Familie: Amaranthaceae (Amarantenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Ganzenvoet dankt zijn naam aan de bladvorm, die op de pootafdruk van een gans lijken. Chenopodium is afgeleid van het Griekse Chenos (gans) en podion (voetje). Murale betekent op of bij muren groeiend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 15-50 cm.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


R.F. Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Wortels


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Forest en Kim Starr -
CC BY 3.0


Forest en Kim Starr -
CC BY 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn meestal weinig vertakt en vaak paarsrood aangelopen. Jonge stengels zijn iets melig behaard, oudere stengels zijn vrijwel kaal. Alleen de assen van de bloeiwijze blijven melig.


R.F. Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De donkergroene bladeren zijn driehoekig-ruitvormig. De grootste bladeren hebben aan beide kanten tot tien naar binnen gebogen, onregelmatige, spitse tanden.


Forest en Kim Starr -
CC BY 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen vormen samen groenige bloemkluwens, die samengevoegd uitgroeien tot losse, vrij korte, bovenaan niet bebladerde pluimen.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchtwand omsluit het nootje. De vrucht is dof met een melige beharing. De zaden zijn enigszins glanzend met rondom een scherpe richel en vele ondiepe putjes. Tweezaadlobbig.


Steve Hurst - USDA-NRCS PLANTS Database


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, stikstofrijke, omgewerkte, kalkhoudende grond (zand en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Bij afvalhopen, mesthopen, composthopen en persvoerkuilen, ruigten (kalkrijke ruigten), langs bollenvelden, moestuinen, akkers (akkerranden), langs muren, haventerreinen (loskades), bermen (open plekken) en zeeduinen (bermen, ruderale plaatsen en langs ruiterpaden).

Verspreiding

Wereld: In alle werelddelen, in gematigde en warme streken.

Nederland: Vrij zeldzaam in de duinstreek. Elders zeer zeldzaam. Sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest  in het kustgebied.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Deutschlands flora, deel 17, J. Sturm, J.W. Sturm (1838-1839)


Flora regni borussici, deel 12, A.G. Dietrich (1844)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Parisiensis, deel 5, P. Bulliard (1776-1781)


Flora Londinensis, deel 6, William Curtis (1789-1798)


British entomology, deel 2, J. Curtis (1823-1840)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL