Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Ongelijkbladige distel - Cirsium heterophyllum

Frysk:

English: Melancholy Thistle

FranÁais: Cirse faux hťlťnium

Deutsch: Verschiedenblšttrige Kratzdistel

Synoniemen: Cirsium helenioides, Carduus heterophyllus

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Cirsium is afgeleid van het Grieks kirsion (een soort distel). Heterophyllum betekent met verschillende bladen.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus en september.

Afmeting: 45 cm tot 1,2 meter.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Wortels: Een wortelstok.


hasbrouck.asu.edu -
CC BY-NC 3.0


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn meestal niet vertakt. Ze zijn witviltig behaard, rijk bebladerd, maar bovenaan vaak niet bebladerd en ook niet gevleugeld.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De vlakke, lancetvormige tot eironde bladeren zijn van boven donkergroen en kaal en van onderen dicht witviltig behaard, met zachte stekels aan de rand. Ze zijn niet gedeeld tot veerspletig met smal lancetvormige slippen. De onderste bladeren zijn 20-40 cm lang en fijn getand. De stengelbladen zijn veel kleiner, de bovenste zijn stengelomvattend.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemhoofdjes zijn meestal alleenstaand, maar soms tot vier bijeen in gedrongen kluwens. Ze zijn paarsrood, zelden wit en worden 3,5-5 cm groot.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Filippo Bozzalla B. -
CC BY-NC-ND 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot natte, vrij kalkarme tot kalkrijke grond.

Groeiplaatsen: Grasland, bermen, waterkanten (langs beken), natte ruigten, bossen (lichte bossen), bosranden en struwelen.

Verspreiding

Wereld: In Noord-AziŽ, Noord-Europa en in de bergstreken van Midden-Europa. Ingeburgerd op IJsland.

Nederland: Niet in Nederland.

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.
alloniŽ:
Zeer zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 5, J.E. Sowerby (1866)


British entomology, deel 8, J. Curtis (1823-1840)


La flore et la pomone francaises, deel 2, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1829)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL