Wilde planten in Nederland en België

Oostelijke bies - Bolboschoenus planiculmis

Frysk:

English:

Français: Scirpe à tige plate

Deutsch: Flachfrüchtige Strandsimse

Synoniemen:

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Bolboschoenus komt van het Latijnse bulbus (bol). Die naam heeft betrekking op de knopige verdikkingen op de wortelstok. Het tweede deel van de naam (schoenus) is afgeleid van het Griekse schoinos (strik), gebruikt als vlechtwerk, vanwege de taaiheid van de halmen. Planiculmis betekent met een vlakke steel.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Helofyt of geofyt.

Hoofdbloei: Juni t/m augustus (-herfst).

Afmeting: 20-100 cm.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


V.S. Volkotrub - CC BY-NC 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Сергей - CC BY-NC 4.0

Wortels: Met uitlopers, die aan de top tot bolronde knollen verdikt zijn.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Stengels: Rechtopstaande, stijve stengels.


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Сергей - CC BY-NC 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


tatyana-omck - CC BY-NC 4.0

Bladeren: Smalle bladen.


luskoun - CC BY-NC 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloeiwijze is hoofdjesachtig of met takken minder dan twee keer zo lang als de centrale zittende aren. Het aantal aren aan de takken is minder dan het aantalcentrale zittende aren. De borstels vallen vroeg af. Een stijl met meestal twee stempels (tweelobbige stijlen).


Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Dzhus Maxim - CC BY 4.0


Alexey P. Seregin - CC BY-NC 4.0

Vruchten: De licht- tot roestbruine nootjes zijn 3,1-3,8 mm lang en 2,2-2,5 mm breed. Op dwarsdoorsnede met twee holle zijden of één holle en één vlakke zijde. De exocarp (buitenste wand van de vruchtwand) is ongeveer even dik als de mesocarp (middelste laag), maar dikker op de afgeronde hoeken dan op de holle zijden. Eenzaadlobbig.


Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Sipke Gonggrijp - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0


exocarp (buitenste laag) - mesocarp (middelste laag) - endocarp (binnenste laag) - s=zaad

Stefan.lefnaer - CC BY-SA 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op natte, voedselrijke, meestal zoete, zelden iets zilte grond. Vaak op plaatsen met een wisselende waterstand.

Groeiplaatsen: Waterkanten en akkers.

Verspreiding

Wereld: Europa en Azië.

Nederland: Zeer zeldzaam. Voor het eerst gevonden in 2017 bij Itteren, aan de Grensmaas. Ingeburgerd na 2000.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam.
Wallonië
: Niet in Wallonië.

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL