Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Overblijvende hardbloem - Scleranthus perennis

Frysk: FÍste hurdblom

English: Perennial Knawel

FranÁais: Sclťranthe vivace

Deutsch: Ausdauernder Knšuel

Synoniemen:

Familie: Caryophyllaceae (Anjerfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Scleranthus komt van het Griekse skleros (hard) en anthos (bloem), vanwege de leerachtige kelkslippen en de harde vrucht. Perennis betekent overblijvend of bestendig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 5-20 cm.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb

Wortels: Een kruipende wortelstok.


Fornax - Public Domain


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuch‚tel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De stengels staan rechtop. De bloeiende en niet bloeiende stengels zijn roodachtig en aan de voet enigszins verhout. De stengelleden zijn meestal korter dan de bladeren. De plant vormt plakkaten.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


Kristian Peters -
CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0 at

Bladeren: De bladen zijn priemvormigtot lijnvormig.


kuleuven-kulak.be/bioweb


kuleuven-kulak.be/bioweb


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0 at


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 3.0 at

Bloemen: Tweeslachtig. Groene bloemkluwens met korte schutbladen. De kelkbladen zijn korter dan 3 mm, stomp, groengrijs en met een 0,2-0,3 mm brede vliezige witte rand. Tijdens de bloei staan de kelkslippen wijd uit, daarna trekken ze zich samen. Er zijn geen kroonbladen, maar wel tien meeldraden.


© Han Beeuwkes - verspreidingsatlas.nl


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchten zijn 2-6Ĺ mm. Tweezaadlobbig.


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, open tot grazige plaatsen (pionier) op droge, voedselarme, zwak zure, kalkarme zandgrond.

Groeiplaatsen: Grasland (schapenweiden, droog, neutraal grasland, droog, onbemest weiland en laag blijvend grasland), langs de hoge randen van rivierdalen, ruderale plaatsen, langs zandwegen en zeeduinen (binnenduinen).

Verspreiding

Wereld: In Midden-Europa, maar ook in Engeland. Ze mijdt de meeste randgebieden. Op de Duitse Waddeneilanden is zij vrij algemeen.

Nederland: Zeer zeldzaam. Zeer sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam in het kustgebied. Zeer sterk afgenomen.
WalloniŽ:
Zeer zeldzaam. Het meest nog in het oosten van Lotharingen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 5 (1800)


Deutschlands flora, deel 20, J. Sturm, J.W. Sturm (1845-1849)


Flora regni borussici, deel 9, A.G. Dietrich (1841)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 7, J.E. Sowerby (1867)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Anglica Saxifraga forte Alsines minimum genus
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


La flore et la pomone francaises, deel 5, J.H. Jaume Saint-Hilaire (1832)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Bilder ur Nordens Flora, deel 3, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


Flora Parisiensis, deel 6, P. Bulliard (1776-1781)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL