Wilde planten in Nederland en België

Paardenbloem - Taraxacum officinale

Frysk: Hynsteblom

English: Dandelion

Français: Pissenlit

Deutsch: Löwenzahn

Synoniemen: Leontodon taraxacum, Taraxacum laevigatum

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Taraxacum komt van het Oudgriekse taraxa (darmstoornis) en akon (geneesmiddel). Taraxacum betekent dus geneesmiddel tegen darmkwalen. Officinale komt van het Latijnse officium (werkplaats, in plantkundig/medische verband is dat de apotheek). Officinale betekent in gebruik in de apotheek / geneeskrachtig.

Opmerking: Er worden veel soorten of microsoorten onderscheiden. In ons gebied komen er minstens 250 voor. Enkele daarvan zijn: Zandpaardenbloem (Taraxacum sectie Erythrosperma), Oranjegele paardenbloem (Taraxacum sectie Obliquaq), Schraallandpaardenbloem (Taraxacum sectie Celtica), Haakpaardenbloem (Taraxacum sectie Hamata) en Moeraspaardenbloem (Taraxacum sectie Palustria).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: April en mei, maar soms ook in augustus, september en oktober.

Afmeting: 10-50 cm.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een lange penwortel.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Stengels: De holle, rechtopstaande stengel draagt één bloemhoofdje. Aan de stengel zitten geen bladeren. De stengels bevatten wit melksap.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De bladeren vormen een wortelrozet. Ze zijn langwerpig, gelobd, veerspletig of getand en grasgroen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. Het gele bloemhoofdje staat aan de top van de stengel en is 3-6 cm groot. Soms is het van buiten oranjerood. Er zijn alleen veel lintbloemen. Deze zijn vlak of soms ingerold. De kale bloembodem heeft geen stroschubben. Het vruchtbeginsel is onderstandig met een stijl en twee stempels.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De lang gesnavelde nootjes zijn rood, bruin of strokleurig en bij de top het breedst. Daar zitten meestal kleine stekeltjes. Het niet vertakte vruchtpluis is wit. De zaden zijn kortlevend (1-5 jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden licht beschaduwde plaatsen op droge tot natte, voedselarme tot voedselrijke, matig zure tot kalkrijke, zoete tot zilte grond (alle grondsoorten).

Groeiplaatsen: Grasland (weiland, hooiland, uiterwaarden en gazons), bermen, dijken, zeeduinen (duinstruwelen, laagblijvend duingrasland, duinhellingen, zandduintjes en duinvalleien), hoge kwelders (schorren), muren, puin, langs spoorwegen (spoorbermen), ruderale plaatsen, braakliggende grond, akkers (akkerranden), tussen straatstenen, boomgaarden, bosranden, bossen (langs bospaden) en waterkanten (o.a. op steile wanden van bosbeken).

Verspreiding

Wereld: Van de poolstreken tot in warm-gematigde gebieden. In de tropen alleen in gebergten.

Nederland: Paardenbloem: Algemeen.

Oranjegele paardenbloem: Vrij algemeen in de duinen.

Zandpaardenbloem: Algemeen in de duinen en op de hoge zandgronden, vrij zeldzaam in Zuid-Limburg.

Moeraspaardenbloem: Vrij zeldzaam. Het meest in het kustgebied. Sterk afgenomen.

Schraallandpaardenbloem: Zeldzaam.

Haakpaardenbloem

Vlaanderen: Paardenbloem: Algemeen.
Oranjegele paardenbloem
: Niet in Vlaanderen.
Zandpaardenbloem: Vrij algemeen.
Moeraspaardenbloem: Zeer zeldzaam.
Schraallandpaardenbloem: Vrij zeldzaam.
Wallonië:
Paardenbloem: Algemeen.
Oranjegele paardenbloem: Niet in Wallonië.
Zandpaardenbloem: Vrij algemeen.
Moeraspaardenbloem: Zeer zeldzaam.
Schraallandpaardenbloem: Vrij zeldzaam.

Paardenbloem

Zandpaardenbloem

Moeraspaardenbloem

Schraallandpaardenbloem

Toepassingen

De officiele naam van de paardenbloem eindigt of officinale en dat betekent dat de plant in kloostertuinen gekweekt moest worden. Het kruid is vochtafdrijvend en versterkt de lever en gal in de aanmaak van spijsverteringssappen. Ook is het een mineraal- en vitaminerijke plant. Paardenbloem (Molsla) wordt ook wel als sla gegeten. Om de bitterheid te doen verminderen laat men de blaadjes eerst een uur in het water liggen. Vaker worden de planten in het donker gekweekt (net als witlof), waardoor ze bleek blijven en niet bitter smaken. Het melksap is licht giftig, gebruik de stengels daarom niet in salades. In Frankrijk wordt er jam gemaakt van de bloemen (zonder het groen). Het melksap werd gebruikt om wratten aan te stippen. Van de planten kun je ook prima plantenmest maken. Je overgiet de volledige planten met kokend water. Je laat het rustig afkoelen en gebruikt daarna het water als plantenbemesting.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 1 (1796)


Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Botanische wandplaten


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora regni borussici, deel 8, A.G. Dietrich (1840)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Medizinal Pflanzen, deel 1, F.E. Köhler, W. Müller (1887)


Die officinellen Pflanzen der Pharmacopoea Germanica, F.G. Kohl (1891-1895)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


3 = Moeraspaardenbloem

Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 5, J.E. Sowerby (1866)


Flora Londinensis, deel 1, William Curtis (1775-1777)


Herbarium Blackwellianum, deel 1, E. Blackwell (1750)
Herbarium Blackwellianum, deel 6, E. Blackwell (1773)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Flora Parisiensis, deel 2, P. Bulliard (1776-1781)


Atlas des plantes de France, deel 2, Amédée Masclef (1890)


Dens leonis vulgi sive urinaria
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

 
La botanique de J.J. Rousseau, J.J. Rousseau, P.J. Redouté (1805)


Naturalis Biodiversity Center (1868)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Atlas der officinellen Pflanzen, deel 1, O.C. Berg, C.F. Schmidt (1891-1893)


Plantae medicinales, deel 2, Nees von Esenbeck, M.F. Wijhe, A. Henry (1828-1833)


Unkrauttaflen - Weed plates - Planches des mauvaises herbes - Ugressplansjer, E. Korsmo (1934-1938)


Kräuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)


Botanische Unterhaltungen zum Verständniß der heimathlichen Flora, B.A. Auerswald en E.A. Roßmäßler (1858)


Icones plantarum medico-oeconomico-technologicarum, deel 2, F.B. Vietz (1804)


Svensk botanik, deel 1, J.W. Palmstruch e.a. (1803)


Bilder ur Nordens Flora, deel 1, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


British entomology, deel 5, J. Curtis (1823-1840)


A curious herbal, deel 1, E. Blackwell (1737)


Medical Botany, deel 1, W. Woodville, W.J. Hooker, G. Spratt (1832)


Flora homoeopathica, deel 2, E. Hamilton, H. Sowerby (1853)


Herbier de la France, deel 6, P. Bulliard (1776-1783)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL