Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Polzegge - Carex cespitosa

Andere namen

Frysk:

English:

Français: Laîche en touffe

Deutsch: Rasen-Segge

Verouderde of andere namen: Zodezegge, Carex caespitosa

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Poales

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Geslacht: Carex (Zegge)

Soort: Carex cespitosa

Naamgeving (Etymologie): Zegge stamt uit het Indogermaanse woord seq (snijden). Carex is zeer waarschijnlijk afgeleid van het Latijnse ceiro (ik snij), een verwijzing naar de scherpe kanten van de bladeren. Cespitosa betekent zodevormend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt of helofyt.

Bloeimaanden: April en mei.

Afmeting: 30-80 cm.


Xepheid - CC BY-SA 3.0


Willie Riemsma - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl

Wortels


© Joop C. Smittenberg - verspreidingsatlas.nl

Stengels: De slanke stengels zijn scherp driekantig en ruw. De scheden zijn glanzend paarsrood tot zwartbruin en rafelen netvormig. Tenslotte gaan ze over in een zwarte vezelmassa die de voet van de halmen omhult. Polzegge vormt dichte pollen.


© Joop C. Smittenberg - verspreidingsatlas.nl


Willie Riemsma - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


© Biopix: JC Schou

Bladeren: De bladeren worden 1-4 mm breed. Ze blijven lager dan de top van de bloeistengels. Bij verdroging rollen de randen van de bladschijf naar beneden om.

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De bloeiwijze is kort en heeft een mannelijke topaar en meestal één of twee dicht bij elkaar staande, rechtopstaande vrouwelijke aren. De onderste is kort gesteeld. De aren zijn 1-2 cm lang. De schutbladen zijn meestal borstelvormig en niet langer dan 1 cm. De bloemen hebbentwee stempels. De kafjes zijn zwartachtig.


Willie Riemsma - CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Annie Vos - verspreidingsatlas.nl


Mathieu Menand - CC BY-SA 2.0 FR

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De urntjes zijn 2-2½ mm lang en zijn aan beide kanten gewelfd. Verder zijn ze bruingroen, niet of zwak generfd en hebben ze een zeer korte snavel. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Eenzaadlobbig.


Matti Virtala - CC0


dzn.eldoc.ub.rug.nl

   

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op natte, matig voedselrijke veengrond (laagveen).

Groeiplaatsen: Moerassen (dichtgroeiende oude beekarmen) grasland (langs greppels in beekdalhooiland) en afgeplagde heide.

Verspreiding

Wereld: Midden- en Noord-Azië en Noordoost- en Midden-Europa. Westelijk tot in Duitsland en Midden-Frankrijk, met Nederland als voorpost.


gbif.org

Nederland: Zeer zeldzaam in Noord-Drenthe. Vroeger ook bij Staphorst.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: matig afgenomen. Zeer zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Niet in Wallonië.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


Flora Batava, deel 6, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall (1832)


A
Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra