Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Pontische rododendron - Rhododendron ponticum

Andere namen

Frysk: Pontyske rodendrum

English: Pontic Rhododendron

Français: Rhododendron pontique

Deutsch: Pontische Rhododendron

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Ericales

Familie: Ericaceae (Heifamilie)

Geslacht: Rhododendron (Rododendron)

Soort: Rhododendron ponticum

Naamgeving (Etymologie): Rhododendron is via het Latijnse rhododendron (oleander) ontleend aan het Griekse rhodódendron of rododendron, een samenstelling van rhódon (roos) en déndron (boom). Ponticum betekent uit Pontus.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Struik.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 1-5 meter.


Ruud Beringen - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Dr. Zeynel Cebeci - CC BY-SA 3.0


Rasbak - CC BY-SA 3.0

Wortels


Rosser1954 - CC BY-SA 3.0

Takken: De takken zijn kaal. Ze maken zich breed met liggende zijtakken. Vaak groeien de struiken in grote groepen.

Bladeren: De bladeren blijven ook in de winter groen. Ze zijn groot, leerachtig, kaal, elliptisch tot omgekeerd langwerpig en glanzend diepgroen. Aan de onderkant zijn ze lichter van kleur.


© Hanneke Waller - verspreidingsatlas.nl


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen staan met acht tot vijftien bijeen. Ze zijn paars, roze, witachtig of lila met bruine puntjes, trompetvormig en 4-6 cm lang. De kelk is 1 tot 2 mm lang. De slippen zijn driehoekig, ongelijk en meestal kaal. Elke bloem heeft tien meeldraden.


© Hanneke Waller - verspreidingsatlas.nl


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. Tweezaadlobbig.


dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot beschaduwde plaatsen op droge tot vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure tot zure, humeuze zandgrond. Kiemend op min of meer kale plekken.

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen en parkbossen), bosranden, struwelen, langs spoorwegen (spoordijken), rotsachtige plaatsen, waterkanten (rivieren, beken en heidevennen) en heide (heideranden).

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Zuid-Europa en Zuidwest-Azië. Ingeburgerd in West-Europa.


gbif.org

Nederland: Plaatselijk vrij algemeen, voornamelijk in het oosten, midden en zuiden en in de Hollandse duinen. Ingeburgerd tussen 1900 en 1924.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: In de achttiende eeuw voor het eerst ingevoerd. Vrij algemeen ingeburgerd in de Kempen en de Zand- en Zandleemstreek. Elders zeldzaam en niet op de zwaardere gronden.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Wallonië: Op een aantal plaatsen ingeburgerd.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra