Wilde planten in Nederland en België

Prachtanjer - Dianthus superbus

Frysk:

English: Superb Pink

Français: Oeillet superbe

Deutsch: Pracht-Nelke

Synoniemen:

Familie: Caryophyllaceae (Anjerfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Dianthus is afgeleid van het Griekse Dios (Jupiter) en anthos (bloem). De anjer was om haar schoonheid aan Jupiter gewijd. Superbus betekent trots.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juni, juli, augustus en september.

Afmeting: 30-60 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Bernd Haynold -
CC BY 2.5


Jan Eckstein -
CC BY-SA 3.0

Wortels


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De vertakte stengels zijn kaal.


Teun Spaans -
CC BY 2.5


Petr Filippov -
CC BY 3.0


Matti Virtala -
CC0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De vlakke, dunne bladeren zijn smal langwerpig tot lijnvormig en 1½-5 mm breed. Je ziet duidelijke aderen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De geurende, 3-5 cm grote bloemen zijn lila, roze, paarsrood of soms wit met een groene vlek aan de voet (daar met rode haren). De kroonbladen zijn franjeachtig, diep ingesneden. De kelkschubben zijn eirond, toegespitst en 1/3 keer zo lang als de kelk. De bloemen groeien in vertakte bloeiwijzen.


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


© Joop Verburg - verspreidingsatlas.nl


Bernd Haynold -
CC BY 2.5

Vruchten: Een doosvrucht. Tweezaadlobbig.


Roger Culos -
CC BY-SA 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - CC BY-SA 4.0


Digitale zadenatlas

 

Biotoop

Bodem: Zonnige, zelden half beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselarme, vrij zure grond (zandopduikingen in veen).

Groeiplaatsen: Grasland (blauwgrasland en zandruggen in venig hooiland).

Verspreiding

Wereld: Azië en Noord- en Midden-Europa. Westelijk tot bij Aken in Duitsland.



Nederland: Vroeger bij Meppel. Daar voor het laatst gevonden in 1905. Later incidenteel elders aangetroffen, o.a. in 1995 langs de Waal.

Vlaanderen: Niet ingeburgerd.
Wallonië:
Niet in Wallonië.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Pluymkens
Cruijdeboek, deel 2, Rembert Dodoens. Bloemen, welrieckende cruyden, saden, ende dyer ghelijcken (1554)


Hortus floridus, fasicle pars altera, C. van de Passe (1614)


Flora regni borussici, deel 3, A.G. Dietrich (1835)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


New Kreüterbuch, L. Fuchs (1543)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Curtis's Botanical Magazine, deel 9, William Curtis (1795)


Superba austriaca Clusii
Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Botanischer Bilderatlas nach dem natürlichem Pflanzensystem, K. Hoffmann, E. Dennert (1911)


Svensk botanik, deel 7, J.W. Palmstruch e.a. (1807-1838)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL