Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Puntkroos - Lemna trisulca

Frysk: Puntkroas

English: Ivy-leaved Duckweed

FranÁais: Lentille d'eau ŗ trois lobes

Deutsch: Dreifurchige Wasserlinse

Synoniemen:

Familie: Araceae (Aronskelkfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Linnaeus gaf de naam aan dit plantje. Er zijn verschillende verklaringen voor de naam Lemna. 1. Lemna komt uit het Grieks en betekent schub. 2. Het is afgeleid van het Griekse lembos (klein schuitje). 3. Het had te maken met het eiland Lemnos, waar de zegelaarde vandaan kwam waar men in de oudheid bolletjes van draaide voor de zegeldruk. 4. Het kan ook zijn afgeleid van het Griekse limne dat poel of baai betekent. Trisulca verwijst naar de drie voren, groeven of nerven op de bovenzijde.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hydrofyt.

Bloeimaanden: Mei en juni.

Afmeting: 0,5-1,5 cm.


Errol Vela - CC BY-SA 2.0 FR


rob duffy -
CC BY-NC 4.0


Dina Nesterkova -
CC BY-NC 4.0


Nikolay Panasenko -
CC BY-NC 4.0

Wortels: Elke plant heeft slechts ťťn worteltje.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Jeff Skrentny -
CC BY-NC 4.0


Petr Filippov -
CC BY-SA 3.0

Blad en steel: Puntkroos zweeft onder het wateroppervlak. Meestal is het blad doorschijnend groen, maar soms rood aangelopen. De schijfjes zijn dun, langwerpig tot smal eirond. De voet is steelvormig versmald en de top is vrij spits tot afgerond. De bladschijfjes zijn iets getand, hebben drie zwakke nerfjes en zijn door duidelijk ontwikkelde, blijvende stelen onder rechte hoeken aan elkaar verbonden. De drijvende bloeiende schijfjes zijn korter, dikker, bleker, gekromd, sterker gezaagd, hebben zwakkere wortels en blijven niet lang samenhangen.


dziomber -
CC BY-NC 4.0


Amdb73 -
CC BY-SA 3.0


Lamiot -
CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: Eenslachtig. Eenhuizig. De bloemen zijn groen. De bloemschede is zakvormig-gesloten met een spleetachtige opening en scheurt door de naar buiten tredende bloemen onregelmatig. De meeldraden hebben cilindrische helmdraden en vierhokkige helmknopjes. De plant bloeit echter zeer zelden.

Vruchten: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vrucht spring niet open. Het zaad is 12-15-ribbig. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan ťťn jaar). Tweezaadlobbig.

Biotoop

Bodem: Zonnige of soms licht beschaduwde plaatsen in ondiep, matig voedselrijk tot voedselrijk, zwak zuur tot kalkhoudend, neutraal tot baisch, zoet of brak water met een bodem van veen of klei.

Groeiplaatsen: Water (plassen, vijvers, sloten, poelen, luwe hoeken van groter water, bospoelen, moerassen, petgaten, kleiputten en veedrinkpoelen).

Verspreiding

Wereld: Gematigde en koudere streken op het noordelijk halfrond, maar ook in AustraliŽ. Zowel in Europa en AziŽ als in Noord-Amerika tot voorbij de poolcirkel.

Nederland: Algemeen, maar zeldzaam in Zuid-Limburg en op de Veluwe.

Vlaanderen: Vrij algemeen.
WalloniŽ:
Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 20, Jan Kops en F.W. van Eeden (1898)


Deutschlands flora, deel 11, J. Sturm, J.W. Sturm (1821-1825)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Genera plantarum florae germanicae, Monocotyledones 2 Cyperaceae, deel 3, T.F.L. Nees von Esenbeck (1843)


Bilder ur Nordens Flora, deel 2, Carl Axel Magnus Lindman (1922-1926)


English Botany, or Coloured Figures of British Plants, deel 9, J.E. Sowerby (1869)


Botanische Wandtafeln, A. Peter (1901)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Hederula aquatica
Plantarum seu stirpium icones, deel 2, M. de Lobel (1581)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL