Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Robinia - Robinia pseudoacacia

Andere namen

Frysk: Wite akasia

English: Locust tree

Français: Robinier faux-acacia

Deutsch: Robinie

Verouderde of andere namen: Witte acacia

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Fabales

Familie: Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)

Geslacht: Robinia

Soort: Robinia pseudoacacia

Naamgeving (Etymologie): Robinia was een van de eerste boomsoorten die uit Amerika werden ingevoerd (1601). In dat jaar ontving Jean Robin, hovenier van de Franse koning Hendrik IV zaden, mogelijk van Franse missionarissen. Hij was als tuinman verbonden aan het hof van Hendrik III, Hendrik IV en Lodewijk XIII, organisator van de botanische tuin van de medische faculteit van Parijs. Andere bronnen vermelden de eerste aanplant door zijn zoon Vespasian Robin die in 1635 een boom plantte in het Jardin des Plantes. Die boom is nu nog te zien. Door Linnaeus werd de boom naar hem genoemd. Pseudoacacia betekent valse Acacia.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Boom.

Winterknoppen: Fanerofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 15 tot 25 meter.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels: Een groot hartwortelstelsel met veel oppervlakkige en ver kruipende wortels en met veel wortelopslag.

Stam: Een slanke, vaak kromme stam, waarvan de schors grijsbruin is en diep gegroefd. Oudere stammen vertonen brede, bochtige lijsten.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Takken: De takken zijn kaal, maar met scherpe stekels.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De verspreidstaande, oneven geveerde bladeren bestaan uit zeven tot vijfentwintig deelblaadjes, die langwerpig-eirond zijn en 2-5 cm lang worden. De bladrand is gaaf. Op de plaats waar je de steunblaadjes zou verwachten zie je twee doorns. Deze blijven aanwezig, ook als de bladeren zijn afgevallen.Vlak onder hun voet, aan de bladas, zit een priemvormig, behaard, afvallend zijslipje en aan de top één ronde nectarklier, maar het topblaadje heeft er twee.

Bloemen: Tweeslachtig. De langwerpige, hangende trossen worden 10-20 cm lang. Ze zijn kort gesteeld. De geurende, witte bloemen (met een lichtgroene vlek) worden 1½-2½ cm in doorsnee. De vlag en de twee zijdelingse zwaarden staan vrij en de twee bladen die de kiel vormen zijn voor een deel vergroeid. Alle tien meeldraden zijn tot een buis vergroeid. De bovenste meeldraad is vrij aan de voet. De kelk (met vijf kelktanden) is vaak rood- of oranjeachtig.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Wim van der Neut - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De langwerpige, kale peulen zijn 4-10 cm. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op droge, matig voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure tot kalkrijke grond (leemhoudend zand, leem, mergel en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen), bosranden, struwelen, kalkhellingen, langs spoorwegen (spoorwegtaluds), stedelijke gebieden en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het oosten van de Verenigde Staten. Ingeburgerd in Europa en Australië.


gbif.org

Nederland: Vrij algemeen in het oosten en midden van het land en in Zuid-Limburg. Elders vrij zeldzaam.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Ingeburgerd in de 19de eeuw.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Omstreeks 1625 voor het eerst ingevoerd in België. Algemeen ingeburgerd in de Leemstreek en de Kempen, vrij algemeen in de Maasvallei en de Zand- en Zandleemstreek en vrij zeldzaam in het kustgebied.
Rode lijst. Criteria niet van toepassing.


Wallonië: Vrij zeldzaam, maar zeldzaam ten zuiden van de Samber en Maas.

Toepassingen

De boom wordt veel in parken en tuinen aangeplant. Robinia is in gebruik als zandbinder op hellingen en ook vaak aangeplant als laanboom. Het gele hout met donkere kern en duidelijke jaarringen is hard, dicht, taai en duurzaam. Het bevat looistof en ruikt enigszins bitter. Het hout is vochtbestendig en wordt gebruikt voor paalwerk, wielen en vloeren. De boom levert goed brandhout en veel honing. De bloemen worden gebruikt voor het maken van parfum.

© 2001-2018 K.M. Dijkstra