Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Roggelelie - Lilium bulbiferum subsp. croceum

Andere namen

Frysk: Roggeleelje

English: Orange Lily

Français: Lis orangé

Deutsch: Acker-Feuerlilie

Verouderde of andere namen: Oranjelelie

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Liliales

Familie: Liliaceae (Leliefamilie)

Geslacht: Lilium (Lelie)

Soort: Lilium bulbiferum ssp. croceum

Naamgeving (Etymologie): Lilium is mogelijk afgeleid van het Keltische li (wit), vanwege de witte kleur van Lilium candidum, volgens anderen komt het van het Griekse leiros (zacht of glad), vanwege de tere bloemen. Bulbiferum betekent bolletjes of knolletjes dragend en croceum saffraanachtig.

Ondersoorten: Er zijn twee ondersoorten: Lilium bulbiferum subsp. croceum (Roggelelie) en Lilium bulbiferum subsp. bulbiferum (Oranjelelie). Bij deze laatste groeien broedbolletjes in de oksels van de bladen. Alleen de Roggelelie komt in Nederland in het wild voor.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Juni en juli.

Afmeting: 30-90 cm.

Wortels: De bol is eivormig en wordt tot 5 cm breed. De bol heeft vele witte, dakpansgewijs liggende en niet dicht aaneensluitende bolschubben.


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


europeana.eu - CC BY-SA 3.0


mam.ansp.org - CC BY-NC 4.0

Stengels: De groene, rechtopstaande stengels zijn fors en bebladerd.


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0

Bladeren: De verspreidstaande bladeren zijn heldergroen, langwerpig tot eirond en met drie tot zeven nerven. Ze hebben een behaarde rand. Lilium bulbiferum subsp. bulbiferum (Oranjelelie) heeft broedbolletjes in de bladoksels.


Marie Portas - CC BY-SA 2.0 FR


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Juan José Sánchez - CC BY-SA 2.0


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De rechtopstaande bloemen staan met één tot vijf bij elkaar in een schermvormige tros aan de stengeltop. Ze zijn oranje tot oranjerood met zwarte vlekjes, klokvormig en 8-10 cm groot. De helmknoppen zijn oranje tot roodbruin.


© John Breugelmans - verspreidingsatlas.nl


© Annie Vos  - verspreidingsatlas.nl


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Christian Fischer - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een doosvrucht. Vruchten worden in onze omgeving maar zelden gevormd. Voortplanting gebeurt hier voornamelijk door bolletjes die onder de grond worden gevormd. Lilium bulbiferum subsp. bulbiferum heeft knolletjes (broedbolletjes) in de bladoksels. Eenzaadlobbig.


© Fred Bos - verspreidingsatlas.nl


dzn.eldoc.ub.rug.nl

   

Biotoop

Bodem: Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op matig vochtige, matig voedselarme tot voedselrijke, goed doorlatende, zwak zure, kalkarme, maar soms kalkhoudende grond (zand, löss en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Akkers (roggeakkers en akkerranden), bossen (open plekken), bosranden, struwelen, kreupelhout, ruigten, rivierduinen en rotsachtige berghellingen.

Verspreiding

Wereld: In Midden- en Zuid-Europa, hoofdzakelijk in gebergten, maar in het noorden van Duitsland en in het oosten van Nederland ook in de laagvlakte.


gbif.org

Roggelelie (Lilium bulbiferum subsp. croceum)


gbif.org

Lilium bulbiferum

Nederland: Zeer zeldzaam, o.a. in Drenthe.
Rode lijst 2012. Ernstig bedreigd. Trend sinds 1950: zeer sterk afgenomen. Zeer zeldzaam. Mogelijk ingeburgerd in de 19de eeuw.

Roggelelie (subsp. croceum)

verspreidingsatlas.nl

Oranjelelie (subsp. bulbiferum)

verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: In 1970 gevonden bij Turnhout. Nadien niet weer.
Rode lijst. Verdwenen uit Vlaanderen.


Wallonië: Mogelijk nog zeer zeldzaam op de Sint Pietersberg (Lanaye).

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 16, Jan Kops en F.W. van Eeden (1881)


Flora Batava, deel 16, Jan Kops en F.W. van Eeden (1881)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra