Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Ruig hertshooi - Hypericum hirsutum

Andere namen

Frysk:

English: Hairy St. John's-wort

Français: Millepertuis velu

Deutsch: Behaartes Johanniskraut

Verouderde of andere namen:

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Malpighiales

Familie: Hypericaceae (Hertshooifamilie)

Geslacht: Hypericum (Hertshooi)

Soort: Hypericum hirsutum

Naamgeving (Etymologie): Hertshooi betekent hard hooi. De plant heeft die naam te danken aan de harde en houtige stengels. Hypericum komt van het Griekse hypo en Erica (onder of tussen heide). Sommigen zeggen echter dat Hypericum verwijst naar de god Hyperion, vader van de zon in de Griekse mythologie, omdat de bloemen (net als de zon) heldergeel zijn. Hirsutum betekent ruwharig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Juli, augustus en september.

Afmeting: 40-100 cm.

Wortels: Een wortelstok.


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium - CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn niet of weinig vertakt. Ze zijn afgerond-vierkantig, behaard en wortelen aan de voet.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bladeren: De dicht behaarde, tegenoverstaande bladeren zijn in een korte steel versmald. Ze zijn eirond tot langwerpig en hebben doorschijnende stippen en geen zwarte klieren.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - CC BY-SA 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen vormen een vrij dichte, smal pluimvormige bloeiwijze. Ze zijn lichtgeel, soms rood generfd en 1,4-1½ cm. Op de top van de kroonbladen zie je zwarte klieren, evenals op de rand van de kelkbladen. De meeldraden zijn alleen aan de voet vergroeid. De helmknoppen zijn geel. De bloemen hebben drie stijlen. Het vruchtbeginsel is kaal en heeft geen honingschubben aan de voet.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


http://www.kuleuven-kulak.be


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - CC-BY-NC-SA-2.0 uk


http://www.kuleuven-kulak.be

Vruchten: Een doosvrucht met drie hokken. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde plaatsen op vrij droge tot matig vochtige, kalkrijke, matig voedselarme grond (mergel, rivierklei, leem en soms zand).

Groeiplaatsen: Bossen (loofbossen, langs bospaden en hellingbossen), bosranden, struwelen, kapvlakten, langs holle wegen en grasland (zonnige, grazige noordhellingen).

Verspreiding

Wereld: Europa, behalve in de meest zuidelijke en noordoostelijke delen. Oostelijk tot in Midden-Azië. Ook zeer lokaal in Noord-Afrika.


gbif.org

Nederland: Zeldzaam in Zuid-Limburg en zeer zeldzaam in het rivierengebied, in de Achterhoek en in Flevoland.
Rode lijst 2012. Kwetsbaar. Trend sinds 1950: matig afgenomen. Zeldzaam. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Het meest in de Leemstreek.
Rode lijst. Zeldzaam.


Wallonië: Vrij algemeen in het Maasgebied en in Lotahringen (de zuidelijke Ardennen) en zeldzaam in Brabant.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Batava, deel 10, Jan Kops en Johannes Everhardus van der Trappen (1849)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2018 K.M. Dijkstra