Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Ruige veldbies - Luzula pilosa

Frysk

English-Hairy Wood-rush

FranÁais-Luzule poilue

Deutsch-Behaarte Hainsimse

Synoniemen

Familie-Juncaceae (Russenfamilie)

Naamgeving (Etymologie)-Luzula ia afkomstig van het Italiaanse luciola (glimworm), een naam die door de Italianen ook gebruikt voor biezen, omdat uit het merg van deze planten kaarsenpitten (lucigno of lucignolo) gemaakt werden. Pilosa betekent een weinig behaard.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur-Overblijvend.

Plantvorm-Hemikryptofyt.

Hoofdbloei-April en mei.

Afmeting-15-30 cm.


© Marian Baars - verspreidingsatlas.nl


Alessia Zampiceni - cc by-nc 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk

Wortels-Een min of meer rechtopstaand wortelstokje.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


Neuch‚tel Herbarium - cc by-sa 3.0


Neuch‚tel Herbarium - cc by-sa 3.0


Neuch‚tel Herbarium - cc by-sa 3.0

Stengels-Vrij dichte polletjes vormend. Rechtopstaande, rolronde stengels.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Zirpe - cc by-sa 3.0


AnRo0002 - cc0

Bladeren-De verspreidstaande,vlakke bladen zijn lang wit gewimperd en glanzig diepgroen. De grondstandige bladen hebben een forse bladschijf. Ze zijn 0,4-1 cm breed en worden tot 20 cm lang. Soms steken ze boven de bloeistengels uit. De stengelbladen zijn smaller. De bladscheden zijn donkerrood.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant - cc by-sa 4.0


Babette KŲhler - cc by-nc 4.0

Bloemen-Tweeslachtig. De schutbladen zijn veel korter zijn dan de bloemtakken. De bloemen staan afzonderlijk op lange stelen in een bolrond schermvormige, ijle en weinig vertakte bloeiwijze, waarvan de takken na de bloei voor een deel terugslaan. De zes bloemdekbladen zijn spits, 3-4 mm lang, kastanjebruin en hebben een brede, bleke en vliezige rand. Een bloem heeft zes meeldraden, een driehokkig bovenstandig vruchtbeginsel en een stijl met drie draadvormige stempels.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


Kruczy89 - cc by-sa 3.0


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


Hugues Tinguy - tela-botanica.org - cc by-sa 2.0 fr

Vruchten en zaden-Driezadige doosvruchten. De vruchten zijn afgerond eivormig, onderaan zeer breed en langer dan de bloemdekbladen. DE zaden zijn 1-1,5 mm lang. Het witte aanhangsel aan de top van het zaad is ongeveer even lang als het zaad zelf. Het heeft een haakvormig gekromde top. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


© Malcolm Storey - bioimages.org.uk - cc by-nc-sa-2.0 uk


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem-Beschaduwde plaatsen op droge tot vochtige, matig voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure tot soms kalkhoudende grond (leem, lemig zand en mergel).

Groeiplaatsen-Voedselrijke loofbossen, hellingbossen, langs bospaden, bosranden, houtwallen, heggen en langs bosbeekjes.

Verspreiding

Wereld- Europa, behalve in de meest zuidelijke delen tot in Centraal-AziŽ.

Nederland-Inheems. Vrij zeldzaam.

Vlaanderen-Inheems. Vrij algemeen.

WalloniŽ-Inheems. Vrij algemeen.

©2001-2023 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl