Wilde planten in Nederland en België

 Nederlandse namen   Wetenschappelijke namen 

Ruw beemdgras - Poa trivialis

Frysk: Wreed miedegers

English: Rough Meadow-grass

Français: Pâturin commun

Deutsch: Gewöhnliches Rispengras

Synoniemen:

Familie: Poaceae (Grassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Poa is het Griekse woord voor gras. Trivialis betekent alledaags.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 40-100 cm.


© Niels Jeurink - verspreidingsatlas.nl


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Futterwiesenjefe -
CC BY-SA 4.0


Franco Giordana - luirig.altervista.org

Wortels: Geen wortelstokken.


Dean Wm. Taylor -
CC BY 2.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn bovenaan ruw. Ze vormen dunne, bovengrondse uitlopers met niet bloeiende slappe, zeer smalbladige spruiten. Ruw beemdgras groeit in losse pollen.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Don Pedro28 -
CC BY-SA 3.0


AnRo0002 -
CC0


Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Bladeren: De onderkant van de bladeren is glanzend. De vrij tere bladeren worden in de richting van de kapvormige top geleidelijk smaller. De bladscheden zijn ruw en gekield. Op de bladeren zie je  alleen langs de middennerf twee groeven. De tongetjes van de bloeistengels zijn een 0,5-1 cm lang. Die van de niet-bloeiende stengels zijn minder dan 1 mm lang en omvatten als een kokertje de stengel. Ze zijn schuin afgesneden.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Niels Jeurink - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb

Bloemen: Tweeslachtig. De brede en losse bloeiwijze (pluim) staat rechtop of knikt aan de top. De kleine aartjes op korte steeltjes bevatten twee tot vijf bloemen. De kafjes hebben een iets naar binnen gebogen top.De helmknoppen kleuren paarsachtig. De twee witte stempels op de stijl zijn veervormig.


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


kuleuven-kulak.be/bioweb


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante - CC BY-SA 4.0


James Lindsey -
CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een graanvrucht. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Eenzaadlobbig.


Rasbak -
CC BY-SA 3.0


Florent Beck - tela-botanica.org - CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige tot beschaduwde, grazige tot open plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselrijke tot zeer voedselrijke, zwak zure tot kalkhoudende, vaak enigszins verstoorde grond (zand, leem, zavel, klei, veen en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen: Waterkanten, moerassen (rietland en oeverwallen in het zoetwatergetijdengebied), omgewerkte grond, bermen, grasland (weiland en hooiland), uiterwaarden, bossen (loofbossen, beek- en rivierbegeleidende bossen en langs bospaden), natte bosjes, bosranden, heggen, struwelen, nieuwe bosaanplant, ruigten, zeeduinen, puinhopen, stortplaatsen en verslempte akkers.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit Europa, Noord-Afrika en West-Azië. Nu in alle werelddelen, in gebieden met een gematigd of koel klimaat.

Nederland: Algemeen.

Vlaanderen: Algemeen.

Wallonië: Algemeen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 3, Jan Kops (1814)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)

© 2001-2020 K.M. Dijkstra