Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Ruwe bies - Schoenoplectus tabernaemontani

Frysk: Kokel

English: Grey Club-rush

FranÁais: Jonc des chaisiers glauque

Deutsch: Salz-Teichsimse

Synoniemen: Steenbies, Scirpus lacustris subsp. tabernaemontani, Scirpus lacustris subsp. glaucus

Familie: Cyperaceae (Cypergrassenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Schoenoplectus is afgeleid van het Griekse schoinos (bies). Tabernaemontani is afgeleid van Tabernaemontanus, de gelatiniseerde naam van Bergzabern, de geboorteplaats van de botanicus Jakob Dietrich (Jacob Theodor) MŁller (1522-1590).

Kruising: Grauwe bastaardbies (Schoenoplectus x kuekenthalianus) is de kruising van Ruwe bies en Driekantige bies.

Opmerking: Fransje is een vruchtbare tussenvorm van Mattenbies en Ruwe bies (zie bij Mattenbies).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Helofyt.

Hoofdbloei: Juni t/m november.

Afmeting: 50-280 cm.


Pieter Stolwijk -
CC BY-NC-SA 3.0 NL


Daniel J. King -
CC BY-NC 4.0


Meky -
CC BY-SA 3.0


Matti Virtala -
CC0

Wortels: Een eerst witte en later geel of geelbruin wordende, zachte en taaie wortelstok. Zowel op de aftakkingspunten als daartussen is hij beworteld.


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


storage.idigbio.org -
CC BY-NC 3.0


bisque.cyverse.org -
CC BY-NC 3.0

Stengels: De blauwgroene of grijsgroene stengels zijn meestal rolrond. Aan de voet zijn ze meestal duidelijk knotsvormig verdikt. Ze dragen geen of slechts ťťn blad.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Urjanhai -
CC BY-SA 4.0

Bladeren: De bladscheden rafelen niet of maar weinig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


mallaliev -
CC BY-NC 4.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen zijn vaak ineengedrongen tot een kluwen. De aren zijn eivormig tot langwerpig en iets rood van kleur, doordat de kafjes helemaal met rode wratjes bezet zijn. De stijl heeft meestal twee stempels, zelden zijn het er drie.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


chrisc -
CC BY-NC 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0

Vruchten: De nootjes zijn platbol (lensvormig) en worden 2-2Ĺ mm lang. Eenzaadlobbig.


Matt Lavin -
CC BY-SA 2.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiante -
CC BY-SA 4.0


Hugues Tinguy - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Digitale zadenatlas

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op natte, matig voedselrijke tot voedselrijke, meestal brakke, basische, kalkhoudende, slibrijke grond (klei, leem en zand) en in stilstaand tot zwak stromend water.

Groeiplaatsen: Waterkanten en moerassen (o.a. langs kanalen, kreken, plassen, op met slib bedekte oeververstevigingen langs rivieren, langs sloten in het kustgebied, rietland, kraggen en zoetwatergetijdengebieden), zeeduinen (langs duinplassen), afgravingen (kleigroeven, leemputten en zandputten), opgespoten grond, bermen (bermgreppels van gepekelde autowegen) en mijnslikstortplaatsen.

Verspreiding

Wereld: Gematigde en warmere streken op het noordelijk halfrond. Nauw verwante soorten groeien op het zuidelijk halfrond.

Nederland: Vrij algemeen in het Waddengebied en het Deltagebied, in Noord- en Zuid-Holland, langs de IJsselmeerkust en in het zoetwatergetijdengebied (in een ongeveer 50 kilometer brede zone vanaf de kust). Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Vrij algemeen.
WalloniŽ:
Zeldzaam.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 13, Jan Kops, F. A. Hartsen en F.W. van Eeden (1868)


Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

2001-2021 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL