Wilde planten in Nederland en BelgiŽ

Selderij - Apium graveolens

Frysk: Selderij

English: Celery

FranÁais: Cťleri

Deutsch: Sellerie

Synoniemen:

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Apium komt van apion, hetgeen weer is afgeleid van pioon (glanzig), vanwege de glans van de bovenkant van de bladen. Graveolens betekent sterk geurend.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juli t/m november.

Afmeting: 30-90 cm.


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Wortels


Knolselderij
Rasbak -
cc by-sa 3.0


swbiodiversity.org -
cc by-nc 3.0


db.herbarium.arizona.edu -
cc by-nc 3.0


swbiodiversity.org -
cc by-nc 3.0

Stengels: De massieve stengels zijn gegroefd en kaal.


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Bladeren: De glanzende bladen zijn ťťn- of tweevoudig geveerd met ruitvormige tot langwerpige, gespleten en gekartelde tot gezaagde deelblaadjes (de onderste bladen). De bovenste bladen zijn drietallig met wigvormige blaadjes.


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen groeien samen in schermen zonder of met een korte steel (korter dan de stralen) en met vier tot twaalf stralen. Meestal zit onder het scherm een klein drietallig blad zonder omwindsel (er zijn geen omwindselbladen en omwindselblaadjes). De kleine bloemen zijn groenachtig wit.


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl


Klaas Dijkstra -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Vruchten en zaden: De eivormige splitvruchten zijn 1Ĺ mm lang en hebben smalle, iets uitstekende ribben. De grootste breedte is ongeveer gelijk aan de hoogte. Tweezaadlobbig.


Howcheng -
cc by-sa 3.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
cc by-sa 4.0


Amada44 -
cc by 3.0


©2006 Digital Plant Atlas -
cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot vaak natte, voedselrijke, enigszins zilte tot brakke klei- of zandgrond (het meest op zware gronden).

Groeiplaatsen: Moerassen (brakke grond), waterkanten (oevers van brakke sloten en rivieren, hoge oeverwallen, aanspoelselgordels en vloedmerken), strooiselruigten, groene stranden, kwelders (hoge kwelders), grasland (brak weiland en soms in zilt grasland in het binnenland), enigszins ruderale plaatsen, dijken (aan de voet van dijken) en zeeduinen (aan de voet van duintjes).

Verspreiding

Wereld: Kustgebieden en binnenlandse zoutplekken in gematigde streken in Europa, AziŽ en Noord-Afrika. Ingeburgerd in AustraliŽ, Nieuw-Zeeland en Zuid- en Noord-Amerika.

Nederland: Vrij zeldzaam in Zeeland en Zuid-Holland. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam. Sterk afgenomen.

Vlaanderen: Zeldzaam. Het meest in het kustgebied. Elders meestal alleen verwilderd vanuit moestuinen. Afgenomen.
WalloniŽ:
Niet in WalloniŽ.

Toepassingen

Selderij wordt gekweekt om de bladeren, die als soepgroente en garnering worden gebruikt. Een forse cultuurvorm met vlezig opgezwollen bladstelen heet bleekselderij en wordt als rauwkost gegeten. Knolselderij is een andere cultuurvorm, waarvan de wortels opgezwollen en vergroeid zijn tot een raapvormige knol, die ook weer als groente in gebruik is.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 4, Jan Kops (1822)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 6 (1801)


Cruijdeboek, deel 5, Rembert Dodoens. Cruyden, wortelen ende vruchten, diemen in die spijse ghebruyckt (1554)


Flora von Deutschland, ÷sterreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomť (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)


Illustrations of the British Flora, Walter Hood Fitch (1924)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's NatŁrlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Kršuterbuch, Unsere Heilpflanzen in Wort und Bild, Friedrich Losch (1914)

2001-2022 K.M. Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl